Je moet kunnen zeggen waar je woont zonder het huisnummer te noemen.

Wat de bewoners willen van nieuwbouw

In de jaren 70 van de vorige eeuw zou de Oosterparkbuurt grotendeels gesloopt worden volgens de plannen van de stadsvernieuwers van de gemeente. Buurtbewoners kwamen in actie en hebben dit weten te verhinderen. Jef Reintjens verscheen als architect op het toneel toen de strijd tegen de radicale stadsvernieuwers (die uitgingen van het idee alles wat oud is, is fout) al was gewonnen door de bewoners. Het oude stratenplan zou behouden worden, er kwamen geen snelwegen en kantoorkolossen in de Oosterparkbuurt, maar het bleef een feit dat veel oude woningen bouwvallig waren. Er was weinig onderhoud geweest.

De door Jef Reintjens ontworpen nieuwbouw, foto uit privébezit

De door Jef Reintjens ontworpen nieuwbouw, foto uit privébezit

 

De woningbouw coöperatie 'Het Oosten' zocht een architect die nieuwbouw kon ontwerpen in overleg met de bewoners. Op een bijeenkomst waar ambtenaren - te herkennen aan hun spijkerpak - en bewoners  in hun nette goed  aanwezig waren , kwam Jef Reintjens zich presenteren. Hoewel hij geen eigen kantoor had en geen personeel werd hij gekozen, denkelijk vanwege zijn ervaring met een Unesco project in Tunis. Hij had daar in een achterstandswijk met hulp van de bewoners reparaties weten te financieren. Er kwamen zoveel mensen op af dat de stroom bezoekers door de politie begeleid moesten worden ,hetgeen door de Tunesische overheid bestempeld werd als een bedreiging van de staatsveiligheid. Jef Reintjens werd het land uitgezet.


Jef Reintjens werd aanvankelijk samenwerking met een groot Rotterdams kantoor ( Leo de Jonge) geboden en ging aan de slag om de wensen van de bewoners te verzamelen. Hij koos voor huisbezoeken en niet voor een enquête. Er waren ook bijeenkomsten in het buurthuis, waarbij Rie Tapperwijn  ( Rie TapperwijnBejaardentehuis in de buurt) een belangrijke rol vervulde. In het algemeen waren de mensen voor sloop van de bestaande woningen; de oude huizen waren niet alleen bouwvallig, zij waren ook vervuld van nare herinneringen aan armoede, de oorlog, het wegvoeren van Joodse medebewoners.

De vraag hoe men de nieuwbouw wilde werd beantwoord met: minder gehorig, centrale verwarming, een douche en een ruime w.c. , een open keuken waar ook plaats is voor een tafel en een kamer groot genoeg voor de meubels. Ook wilde men bouw die het oog behaagt: verticale ramen, gebruik van baksteen, afwisseling ( je moet kunnen zeggen waar je woont zonder het huisnummer te noemen), geen groot flatgebouw. Zowel oude als jonge bewoners zouden in hetzelfde gebouw moeten wonen: liften voor de ouderen, kleine appartementjes op zolder voor de jongeren. De ingang voor de senioren moest er zo uitzien dat bruidsparen er hun trouwfoto zouden willen maken.


Veel van de wensen konden gehonoreerd worden in het nieuwe blok huizen van iets meer dan 100 woningen, dat gebouwd werd tussen het Beukenplein en de 2e en 3e Oosterparkstraat, maar niet alle. Iedereen een eigen trappenhuis lukte bijvoorbeeld niet, maar wel is op verzoek van een bewoner een wiel van een racefiets ingemetseld  in een topgevel aan het Iepenplein. Jef Reintjens bewaart heel plezierige herinneringen aan de kontakten die hij tussen 1974-1980 had met de buurtbewoners. "Het waren vaak gezellige bijeenkomsten waar lekker gegeten en gedronken werd, ik ben later nog vaak teruggegaan ".

 

 

Alle rechten voorbehouden

304 keer bekeken

Bekijk meer afbeeldingen

Jef Reintjens (links) en Gijs van Kestrienen voor het nieuwe woonblok in aanbous

Jef Reintjens (links) en Gijs van Kestrienen voor het nieuwe woonblok in aanbous

Jef Reintjens in 2020, foto Marella Karpe

Jef Reintjens in 2020, foto Marella Karpe