Een netwerk van modderige laantjes

1 Fan
, Onderlangs, Huismanshof

Aan het eind van het labyrint van smalle en modderige laantjes was het tuinhekje: onze poort naar de buitenwereld.

 De speeltuin aan de Onderlangs met op de voorgrond van links: Robbie Angel. Woonde in de Tuinbouwstraat, schuin tegenover het eerste huis van Jopie Cruyff. Wimpie Lagerwaard. Woonde op het Huismanshof in de linkerachterhoek. Zijn zuster deed, tot onze stomme verbazing, ineens aan 'buikdansen'.  Achtergrond. Freddie Kok, groot en sloom. Dan Niko Paape, Robbie Ouweneel uit Duivendrecht, Peter Visser van de Zaaiersweg en Robbie Stil uit Duivendrecht. Hoe korter je voetbalbroekje, des te stoerder was je.

De speeltuin aan de Onderlangs met op de voorgrond van links: Robbie Angel. Woonde in de Tuinbouwstraat, schuin tegenover het eerste huis van Jopie Cruyff. Wimpie Lagerwaard. Woonde op het Huismanshof in de linkerachterhoek. Zijn zuster deed, tot onze stomme verbazing, ineens aan 'buikdansen'. Achtergrond. Freddie Kok, groot en sloom. Dan Niko Paape, Robbie Ouweneel uit Duivendrecht, Peter Visser van de Zaaiersweg en Robbie Stil uit Duivendrecht. Hoe korter je voetbalbroekje, des te stoerder was je.

Alle rechten voorbehouden

Voor kinderen was Betondorp een netwerk van modderige laantjes, van straten, drie pleinen - waarvan de Brink het meest centraal was gelegen. Maar het belangrijkste was de speeltuin aan de Onderlangs, waar Melis de scepter zwaaide, bruinig gezicht, scheve mond met sjekkie, en de volkstuinen die doorliepen tot aan de Weespertrekvaart en de Oosterbegraafplaats.

Elk van die elementen had zijn eigen wereld, geschiedenis, avontuur en mogelijkheden. Het territorium van de kinderen in mijn straat liep vanaf de Brink tot aan de Weespertrekvaart. Het Huismanshof was ook 'van ons', alsmede een klein stukje Graanstraat en Zaaiersweg. De rest was het 'buitenland'. Dat was het gebied van andere jongetjes. Kwam je in het 'buitenland', dan werd er regelmatig gevochten. Territoriumdrift. In het binnenland, die twee of drie straatjes, waren we heer en meestertjes.

De laantjes waren smal en vaak modderig en afgescheiden van de aanliggende tuinen door heggen en heggetjes. Wij konden in dit labyrint blindelings onze weg vinden. Als wij aan het voetballen waren en de politie kwam vanaf de Brink de hoek om fietsen (met het doel onze bal af te pakken), stoven wij als schichten een laantje in om binnen No time drie straten verderop weer tevoorschijn te komen. Met bal.

De politiemacht in Betondorp bestond uit twee agenten op zwarte dienstfiets. Een hele grote dikke, Oliver Hardy-formaat, en een kleine dunne, Stan Laurel-formaat. Vanwege hun postuur en vanwege hun fietsen, konden de dienders onmogelijk de achtervolging inzetten in de laantjes van Betondorp. Ze hebben ons nooit te pakken gekregen.

De laantjes waren de eerste stap op weg naar de buitenwereld. De achtertuin behoorde nog bij het ouderlijk huis en het gezin. De laantjes waren de eerste stappen buiten de deur. Het tuinhekje was de poort.

Alle rechten voorbehouden

2974 keer bekeken

Bekijk meer afbeeldingen

 De modderige smalle laantjes, door heggen afgescheiden van de aanliggende tuinen vanaf Veeteeltstr. 135 bov. achter Oogststraat 60-68. 1965.<br /><br />Foto: Stadsarchief Amsterdam

De modderige smalle laantjes, door heggen afgescheiden van de aanliggende tuinen vanaf Veeteeltstr. 135 bov. achter Oogststraat 60-68. 1965.

Foto: Stadsarchief Amsterdam

Alle rechten voorbehouden

3 reacties

Voeg je reactie toe
J.Monas

Jan Mens

Jan mens was niet "slechts" een inwoner van het dorp. Hij was een inwoner van het dorp van het eerste uur. Hij woonden eerst op de Middenweg naast de slager bij de veeteeltstraat in het beneden huis en is later verhuisd naar de tuinbouwstraat. Hij was meubelmaker en in de moeilijke jaren voor de oorlog is hij gaan schrijven.In die jaren was er geen enkele katolieke kerk in het dorp.
r was een school op het zuivelplein, de Rozenburgerschool, waar later een kerk in kwam en weer veel later een echte kerk op de Zaaiersweg achter aan.
Ik zelf was op de Watergraafsmeeschool op het huismanshof.
Jan Mens had twee kinderen. Een zoon en een dochter.

Frans de Gijsel

Pastoor Vriens

Pastoor A. Vriens, geb. 22-02-1896, gewijd 06-06-1925 pastoor en bouwheer van kerk en klooster. Behalve pastoor was hij ook overste van het klooster.
De leegstaande school op het Zuivelplein nr. 7 werd op 25 november 1935 voor 3 jaar gehuurd tegen fl. 1500,-- p.j. na een kontrakt tussen de Missionarissen van de H. Familie en het kerkbestuur van Diemen. De verbouwing en inrichting kostte ongeveer fl.5000,--.Op 22-02-1936 werd de hulpkerk ingewijd. Pater Vriens werd de eerste rector van de kerk. Op 22 mei 1951 ging de eerste van 252 heipalende grond in voor het Witte kerkje. Op 7 okt.1951 werd de eerste steen gelegd en op 28 augustus 1952 werd de kerk plechtig ingewijd.

Bronvermelding: Jubileum parochiegids H.Familie 22-02-1936/22-02-1961. Uitgave Kerkbestuur, drukkerij Noordholland-Hoorn(boekje in mijn bezit).

De relatie Vriens/Jan Mens is mij niet bekend. Jan Mens, boekenschrijver, was niet katholiek maar slechts ook inwoner van Betondorp.

jan schapers

Pater/pastoor Vriens en Jan Mens

Twee tegengestelde personen, die elkaar echter enorm respecteerden gedurende en na de Tweede wereldoorlog. Pater, later pastoor, Vriens was een broer van mijn moeder, die indertijd als een soort missionaris naar het rode Betondorp werd gestuurd. Zijn eerste "kerk" was in een oud schoolgebouw op het Zuivelplein, als ik me goed herinner. Later bouwde hij het eerste, witte, kerkje aan de Zaaiersweg. Jan Mens is waarschijnlijk wel bij eenieder bekend.
Ik werk momenteel aan een familiegeschiede - nis en kan iedere vorm van info gebruiken. Is er bij u iets bekend over mijn oom en ook zijn relatie met Jan Mens ?

Ik stuitte bij toeval op deze site. Was op zoek naar Niko Paape, een onderzoeks - journalist.

Bij voorbaat dank, Groet

Jan Schapers
Hilversum