Indrukken uit de oorlog

Verteller: Joop Rijkenborgh
Transvaalbuurt

In de laadbak stond een magere vrouw...

Amerikaanse legerauto Op de hoek stond een Amerikaanse legerauto met een witte ster op het portier.

Amerikaanse legerauto Op de hoek stond een Amerikaanse legerauto met een witte ster op het portier.

Alle rechten voorbehouden

Sommige beelden en mensen uit de oorlog staan mij nog altijd bij. Ik weet nog een jongeman die mijn vader in dienst had in zijn schoenenwinkel. Harry was zijn naam. Hij was lang en had blond krullend haar en moest in de oorlog in Duitsland gaan werken. Na de oorlog heb ik hem nog een keer gezien. Zijn ene been was er afgeschoten en hij liep op krukken. Dat maakte op mij grote indruk.

Een ander persoon die ik mij herinner was Mijnheer Van Eik. Hij was een goede kennis van mijn ouders en ik mocht hem heel graag. Op een dag kwam hij eens langs en mijn moeder vond hem er zo goed rond uitzien. Enkele dagen daarna was hij overleden, hij bleek hongeroedeem te hebben. Daar raak je opgezwollen van.

Maar ook een onbekende vrouw net na de bevrijding staat in mijn herinnering gegrift. Nederlandse vrouwen die een Duits ‘vriendje’ hadden werden moffenhoeren genoemd. Na de bevrijding stond op de Middenweg tegenover de Wakkerstraat een Amerikaanse legerauto met een witte ster op het portier. De laadbak was opgebouwd met houtenplanken en met open tussenruimtes bij iedere volgende plank. In de laadbak stond een magere vrouw, ze was gekleed in een lange donkere jas, haar polsen waren met touwen geboeid en om haar middel zaten ook touwen. Die waren weer vastgemaakt aan de planken van de legerauto. Haar kin lag tegen haar borst en ze was helemaal kaalgeschoren, op haar voorhoofd, de zijkanten en bovenop haar hoofd had men met zwarte verf of inkt hakenkruizen aangebracht. Een veelkoppige menigte stond te krijsen en te schreeuwen en maakte met gebalde vuisten dreigende gebaren. Toen we dit zagen liepen mijn vader en ik terug naar huis.

Alle rechten voorbehouden

6392 keer bekeken

4 reacties

Voeg je reactie toe
Tichelaar, Ephraïm-John

Re: moffenhoeren

Quote

> Aloys W.H.Janssen:
Ø Geboren in 1933 als een na jongste in een gezin van 10 kinderen 5 broers en 4 zussen. ik heb de oorlog dus bewust meegemaakt. Ik herinner mij dat twee ondergedoken broers thuis waren die eigenlijk te werk waren gesteld in Duitsland, toen er aan de deur werd gebeld, een zogenaamde moffenhoer kwam vertellen dat er die avond een razia gehouden zou worden in onze woonwijk. Zij had dit gehoord tijdens een avondje stappen met haar zus en een paar hoge Duitse officieren. Of het nu de officier geweest is die de waarschuwing gaf om haar buurtgenoten te beschermen of zij de waarschuwing ontlokte zullen we nooit meer weten, maar toen de razia inderdaad plaats vond, waren alle onderduikers uit de woonwijk gevlogen. Bijna zeker wel postuum, maar toch nog bedankt lieve MOFFENHOEREN.

Quote

Kijk hier wordt ik nu ineens blij van. Waarom? Zal ik u nu even mee geven, voor zover ik dit mondeling heb meegekregen van mijn moeder en Oma.
Mijn moeder en ook mijn Oma en haar wat jongere zusje, zaten in het verzet. Overigens was mijn moeder nog vrij jong, zo'n 18 jaren.
Mijn Oma en Tante Marijke gingen om met een hoge officier van het Duitse leger. Dit deed zij om zo achter geheimen te komen, en of eventuele informatie; hoe onbelangrijk ook. Te meer omdat elke informatie belangrijk kon zijn. Oma deed ook andere dingen, zoals het vervoeren van bepaalde stukken zoals documenten die vervalst moesten worden, doch ook vlugschriften. (weet niet of ik dit goed schrijf), vervalste bonkaarten om eten te doen vekrijgen, en of eventuele vervalste identiteitspapieren.
Doch het omgaan met die hoge Duitse officier deden zij op eigen initiatief. Zo hebben zij veel leed kunnen voorkomen, zoals ook als er razzia’s op touw waren gezet, vooralsnog zij deze informatie hadden gehoord, gelezen of via reductie logischerwijze kon doen vermoeden. Mijn Oma en Tante Marijke spraken en lazen heel goed Duits op een.perfecte manier. Zij hadden als kind jaren in Duitsland gewoond, samen met mijn overgroot ouders.

Na de oorlog, is ook zij gepakt en Tante Marijke niet; zat toen in Rotterdam en is haar dit bespaard gebleven. Oók het hoofd van oma is kaal geschoren en is er een poging gedaan om het hakenkruis in haar hoofdhuid te verkrijgen door middel van een naald en inkt. Een gedeelte is gelukt. Tevens is zij zo hard tegen het rechteroor geslagen dat zij rechts geheel doof is geworden.
Als kind gaf zij mij ooit aan het met trots te dragen, ofschoon ik het nooit heb kunnen zien aangezien mijn Oma een mooie kop met haar had, alwaar ik nu met mijn redelijke kale knikker zéér jaloers om ben.

Mijn Oma heette Lena Christina Plooyer - van Gerve. (roepnam: Lena) En woonde toen aan de Camperstraat 34 3 hoog. Zij had familie in de Transvaalbuurt, in de Pretoriusstraat en op de Vaalrievierstraat. Tevens had zij wat vrienden in de Kraaipanstraat zitten, waarvan er één ook in het verzet zat.
Mijn Tante heette Magdalena Christina Rosmalen - van Gerve (roepnaam: Marijke) En woonde aan de Middenweg, even voorbij de Hema.

Overigens, doch weet dit niet zeker of ik het mij goed herinner. Heeft zij mij ooit laten weten dat zij dit niet alleen deed, doch dat ook een andere dame in het spel zat, die hetzelfde deed. Of zij ook in het verzet zat, is mij nooit duidelijk geworden.

Waarschijnlijk is mijn Oma die dame geweest, waarvan ik redelijk kan doen vermoedden dat zij die dame was.

Ik hoop, of eigenlijk kies ik er voor dat dit verhaal een deel van het radertje zou kunnen zijn.

Met een gulle lach,

Ephraïm-John Tichelaar.

mjmullervan groen

een waar verhaal

liefde kent geen grenzen zegt men tegenwoordig///

in tijd van oorlog is alles veroorlooft ,dat word altijd verkondigd ,maar is dit waar?/ gemende huwelijken alles is nu wel toegestaan, gelukkig
ik heb de oorlog zelf mee gemaakt ,en de haat was begrijpelijk groot en toch vraag ik mij af waarom staan de mensen altijd zo gauw met hun oordeel klaar ,mijn vader ook vijf jaar in het hol van de leeuw, gescheiden van zijn gezin, heeft allen angsten moeten doorstaan, kwam uitgeput naar huis op een fiets met houten banden vanaf koblenz, maar dit heb ik altijd onthouden wat hij zei: er zijn ook goede, anders had ik nooit meer thuis gekomen alleen de vrouw is meteen een hoer, en hij was ozo koningsgezind

Aloys W.H.Janssen

moffenhoeren

Geboren in 1933 als een na jongste in een gezin van 10 kinderen 5 broers en 4 zussen. ik heb de oorlog dus bewust meegemaakt. Ik herinner mij dat twee ondergedoken broers thuis waren die eigenlijk te werk waren gesteld in Duitsland, toen er aan de deur werd gebeld, een zogenaamde moffenhoer kwam vertellen dat er die avond een razia gehouden zou worden in onze woonwijk. Zij had dit gehoord tijdens een avondje stappen met haar zus en een paar hoge Duitse officieren. Of het nu de officier geweest is die de waarschuwing gaf om haar buurtgenoten te beschermen of zij de waarschuwing ontlokte zullen we nooit meer weten, maar toen de razia inderdaad plaats vond, waren alle onderduikers uit de woonwijk gevlogen. Bijna zeker wel postuum, maar toch nog bedankt lieve MOFFENHOEREN.

Een bezoeker

Ruurd Kooiman

Deze vrouw werd nog netjes behandeld. In de Presidentbrandstraat woonde ook een moffenhoer want die kwam weleens thuis met een mof, maar toen de bevrijding kwam hebt zij dat geweten. Ze werd het huis uit gesleurd en op een bakfiets gezet waarop een stoel stond en werd weggereden richting Vrolijkstraat/Beukenweg. Daar, onder aanmoediging van omstanders, is haar kop kaal geschoren en is ze ingesmeerd met teer. Ze zat wel vast gebonden, dat was de tegen deze lieden.