Hulp van Opoe

Auteur: Frits Slicht Frits Slicht

Tot aan haar overlijden heeft mijn opoe van moederskant ons gezin gesteund.

President Brandstraat 1949. Deze foto is in december 1949 gemaakt door: Wieger Bruin (architect) en is afkomstig uit de collectie van het Archief van de Gemeentelijke Dienst Volkshuisvesting en rechtsvoorganger. Bron: Beeldbank, Stadsarchief Amsterdam.

President Brandstraat 1949. Deze foto is in december 1949 gemaakt door: Wieger Bruin (architect) en is afkomstig uit de collectie van het Archief van de Gemeentelijke Dienst Volkshuisvesting en rechtsvoorganger. Bron: Beeldbank, Stadsarchief Amsterdam.

Alle rechten voorbehouden

Opoe

Opoe was onze naam voor de moeder van mijn moeder. Hoewel wij het niet altijd beseften, heeft ze ons vaak geholpen. Toen ze in 1943 onverwachts voor de deur stond, was mijn moeder ergens toch ook wel blij dat ze haar moeder nu bij zich had. Ik heb mijn opoe ’s avonds naar huis gebracht. Ik mocht, ook al was het dan na achten, gewoon op straat. Dit in tegenstelling tot de Joden.
De volgende dag kwam mijn Opoe opnieuw langs. Ze vroeg mijn moeder: ‘Wat kost eigenlijk een pond vet’? ‘Nou’ zei mijn moeder, ‘dat wil u niet weten’. Zij vertelde dat een pond vet wel 150 gulden kostte. Mijn opoe gaf aan dat ze het toch maar moest gaan kopen. Mijn moeder heeft het vet inderdaad gehaald en vervolgens op het balkon gelegd. We hadden aan de achterkant van onze woning een balkonnetje. Toen mijn moeder het later op de dag wilde gaan pakken, was het helemaal door de meeuwen opgevreten.

Steun tot aan het overlijden van Opoe

Mijn opoe is ons altijd blijven helpen, tot aan haar dood op 16 februari 1944. Op een gegeven moment vertelde ze mijn moeder dat ze wou dat al haar kinderen met een joodse partner waren getrouwd. Ik heb dat erg in haar gewaardeerd. Ze moet hebben gezien dat mijn ouders een geweldig huwelijk hadden.

Toen mijn opoe overleed, heeft ze een deel van haar erfenis aan de kerk nagelaten. Je gelooft het bijna niet, maar ze liet de kerk wel 100.000 gulden na. Elk kind kreeg 34.000 gulden. Dat lijkt nu wel heel veel, maar een zak aardappelen kostte op een gegeven moment wel 700 gulden. Je moet bedenken dat het oorlogstijd was! Voor een pakje roomboter betaalde je ook al gauw 140 gulden. Het geld was dan ook al snel weer op, maar we hadden wel weer een tijdje gewoon te eten.

 

Voor alle verhalen: Katharina Blog-Suesan inhoudsopgave

Alle rechten voorbehouden

361 keer bekeken

3 reacties

Voeg je reactie toe
Piet Joon

Opoe

Wel een beetje (beetje? bijna 3 jaar!) late reactie maar Nol Pieters heeft goed opgelet!.
Ik ken de President Brandstraat van toen op mijn duimpje omdat ik daar van 1943 tot 1955 heb gewoond en ben opgegroeid. Wij hadden in 1949 in de President Brandstraat alleen het hoge speeltuinhek van Speeltuinvereniging Transvaalkwartier en niet een afrastering langs gras met paaltjes en prikkeldraad zoals, langs de dijk, op de Tugelaweg.
Het misverstand bij Beeldbank is waarschijnlijk ontstaan omdat de huizen in de President Brandstraat er bijna net zo uitzagen als die van de Tugelaweg.

nol pieters

Re: opoe

joop jansen 32:
Geweldig als je zo,n rijke opoe heeft.
Heeft toch zeker een eigen graf gekregen hé?
Maar mijn vraag:
Hoeveel kinderen had Opoe?
Hoeveel kleinkinderen?
Zij woonde zeker op stand,zoals dat vroeger heette?
Was zij getrouwd?
Leefde opa in die dagen nog?
Hadden zij een eigen huis?
Als dat verkocht is,hoeveel heeft dat opgebracht?
De Meubels verkocht?
Man ,wat ben ik jaloers.
Wij hadden niets.
Ja.....suikerbieten,eten van de gaarkeuken en kastplanken,plinten
om de kachel mee te stoken.
Wat ben ik nieuwsgierig hé?
Maar als je in die dagen zoveel geld bezat,moet je wel wat geweest zijn in de maatschappij, toch?
Ik kom een beetje in het privé vlak,maar het verhaal leunt daar ook tegen aan en zo doende.
Ik ben benieuwd op het antwoord van mijn vragen.

Ik ben nol pieters en de foto is van de tugelaweg 119 - 120 en de hoek is ben viljoen straat

joop jansen 32

opoe

Geweldig als je zo,n rijke opoe heeft.
Heeft toch zeker een eigen graf gekregen hé?
Maar mijn vraag:
Hoeveel kinderen had Opoe?
Hoeveel kleinkinderen?
Zij woonde zeker op stand,zoals dat vroeger heette?
Was zij getrouwd?
Leefde opa in die dagen nog?
Hadden zij een eigen huis?
Als dat verkocht is,hoeveel heeft dat opgebracht?
De Meubels verkocht?
Man ,wat ben ik jaloers.
Wij hadden niets.
Ja.....suikerbieten,eten van de gaarkeuken en kastplanken,plinten
om de kachel mee te stoken.

Wat ben ik nieuwsgierig hé?
Maar als je in die dagen zoveel geld bezat,moet je wel wat geweest zijn in de maatschappij, toch?
Ik kom een beetje in het privé vlak,maar het verhaal leunt daar ook tegen aan en zo doende.

Ik ben benieuwd op het antwoord van mijn vragen.