Parfum voor de minderbedeelden

Verteller: Peter Johansen
Dapperbuurt

De winkel rook lekker naar drop en Boldoot.

boldoot poster Boldoot reclameposter van de Belgische ontwerper Privar Livemont.

boldoot poster Boldoot reclameposter van de Belgische ontwerper Privar Livemont. Door: Pieter de Lang

Alle rechten voorbehouden

In onze smalle gang bevond zich een kolenkast met twee openslaande deurtjes die tevens dienst deed als opslagruimte. Het was daar aarde donker en het rook naar vocht en kolengruis. Als er genoeg geld was dan werd er een paar mud kolen gestort in een bak die daar in de kast was ingebouwd. Dan kwam de kolenboer van de Dapperstraat met zijn handkar en stortte de pikzwarte jutezakken daar in leeg. Het was een broodmagere man die altijd net zo zwart was als de kolen zelf. Als er geen geld was om een voorraad aan te schaffen moesten we zelf zakjes halen die afgepast werden in de winkel waar de vrouw van de kolenboer de honneurs waar nam. Zij had daar een soort installatie met een houten trechter waar zij de kolen doorheen stortte. Het gruis stoof dan alle kanten uit waardoor zij er net zo zwart uit zag als haar echtgenoot. Ik vergeet nooit meer dat zij vrij grote ogen had waarvan het oogwit door haar zwarte gezicht heel wit leek met een linkeroog dat zwaar loenste. Ja, alles was zwart, zij, de winkel en haar man. Kinderen heb ik bij hen nooit gezien, daar was het misschien te donker voor.

Naast de kolenboer zat 'Iris', een soort parfumeriezaak annex drogisterij van twee merkwaardige broers waarvan ik later merkte dat zij niet erg veel om vrouwen gaven buiten het winkelgebeuren. De winkel rook lekker naar drop en Boldoot, dat was een soort parfum voor de minderbedeelden. Er stonden daar grote glazen reservoirs met een pipet waaraan een rubberen bal zat waarmee de lege Boldoot flesjes van de klanten weer konden worden bijgevuld. Mijn oma gebruikte het ook en het rook lekker fris.

Alle rechten voorbehouden

2568 keer bekeken

11 reacties

Voeg je reactie toe
jolanda Brugmans

Re

ik herinner mij de supermarkt, kolenboer, en drogist ook nog, er zat ook een soort van chinees winkeltje. ik zelf woonde ook in de reinwardtstraat 88''' . ik weet niet of we toen ook kolen hadden. Aan de andere kant was een bakker, slager, groenteman en snoepwinkel. ik liep er altijd langs als ik naar school ging  (pontanusschool) en kon er altijd wel iets meenemen. (moest dan worden opgeschreven zodat mijn moeder het later kon betalen) ik ben in 1976 verhuisd naar de andere kant van de stad. maar zag de buurt wel veranderen in allemaal nieuwbouw.

carl

Re: karel johansen

karel johansen:
dank je broer volgens mij zijn er nog meer mensendie iets te vertellen hebben over onze familie

wim hoekstra

Re: Piet Keereweer

Piet Keereweer:
Ik ben in 1948 geboren en heb vanaf mijn 1e verjaardag ook gewoond in de commelinstraat 11 1 hoog achter. Ik ken de familie Menting dus wel. De ouders kwamen bij elkaar over de vloer en mijn moeder paste op Wim zijn broertje wanneer zijn ouders de kranten liepen. Ik heb ook op de Commelinschool gezeten alleen deed ik elke klas 2 maal. Ik hield niet zo van school ik hielp liever de melkboer. Ook ik ging naar de Van Swindenbioscoop en naar de Odeon. In mijn herinnering was er aan het begin van de Commelinstraat een ruimte waar de parfumflesjes werden gevuld. Verder speelde wij veel in de speeltuin 'T Zandje bij de spoorlijn en bij het monument waar in de oorlog een jongen was doodgeschoten. Ook kon je voor een kwartje voor 2 uur een autoped huren of voor 1 uur een fiets, daar kon je niet mee remmen. Ook haalde ik tussen de middag een zakje kolen maar weet niet meer waar dat was.
Groeten Piet Keereweer

nederend kolenboer pietervlamingstraat de kolenschuit lag in de mauritskade .
groet wim hoekstra woonde van 1942 tot 1956 in dapperstraat 8 1 hoog boven de parapluwinkel

Michel

Kolenhandel Dapperstraat

Voor het geval iemand wil weten hoe het verder ging , Martha is later op 21 jarige leeftijd getrouwd met Jacobus Philippus van ZANDEN, een bouwvakker uit Amsterdam die ook geb 6 jan, 1950 . ze is naar mijn informatie bejaardenverzorgster nog steeds in Amsterdam.

Ik ben gaan studeren in Zuid Duitsland, getrouwd en naar Indonesië gegaan , gescheiden terug gekomen en na 1 jaar naar Rusland verhuisd, ook voor werk , Ik woon nu in Giethoorn en Ukrainë vlak bij de Krim , zwarte zee en zee van Azov., getrouwd met een Ukrainse. kinderen 12, 10 en 7 jaar mijn vrouw is 31 jaar , van mijn eerste vrouw heb ik 3 zoenen die in Nederland wonen.

Er zouden meer mensen moeten zijn die het oude Amsterdam beschrijven , in vergelijk met NU is daar niks meer van over, Hoe jammer . Michel !

Michel

Kolenhandel

Hallo, Er was wel een kolenhandel in de Dapperstraat, vlakbij de straat waar de tram door heen ging. Hoe weet ik dat , In 1960 - 1963 had ik dansles bij Ons Thuis tegenover het bode centrum bij de Funen molen. Ik was 12 tot 15 jaar jong. Ik had een vast vriendinnetje , Martha !! die heel erg lekker kon zoenen , zeker in het portiek van haar huis voor de deur van de kolen handel die trouwens van haar vader was . Klein winkelpand dus dat je dat over het hoofd kon zien was niet vreemd , MAAR het was er wel Hoor !! Haar vriendinnetje had change met mijn broer Henk !

Els Moorman

Reactie aan Rob Lanting

Beste Rob leuk dat ook jij nog wat kan toevoegen aan de herinneringen uit de Dapperstraat.
De kruidenierswinkel van Thaams was op de hoek van de Dapperstraat/Reinwardtstraat. Ook wij deden daar onze boodschappen. Ons woonhuis lag naast dat van de fam. Thaams de Reinwardtstraat in. Mevrouw Thaams was een grote vrouw terwijl Mijnheer Thaams eigenlijk een onderdeurtje was. Later is er de fam. Stigter ingekomen en heeft mijn oudste zus daar ook nog gewerkt.
Zelf hadden mijn ouders vrienden in de Wijttenbachstrat wonen op nr. 55.
Wij hebben tot 1970 in de Reinwardtstraat gewoond, onze ouders woonden al sinds de 2de wereldoorlog daar.Met de dochter van de kolenboer(Martha) hadden wij vriendschap, ook de gebroeders Wolff kan ik mij nog goed herinneren, een van hun had nogal een hoge stem en die kreeg van ons ook de bijnaam "piepstem".
De wereld is toch klein hé?
Hartelijke groet van Els Moorman.

Rob Lanting

Rob Lanting

Het was voor mij een leuke verrassing, dat er toch nog mensen zijn die nog iets kunnen vertellen over het stukje Dapperstraat waar ik mijn vroegste jeugd in de jaren vijftig doorbracht. Ik woonde met mijn ouders en broer vroeger in de Wijttenbachstraat 74, vlak bij de hoek van de Dapperstraat, op 1 hoog boven de fietsenstalling van Sico. Deze bebouwing werd als eerste in de Dapperbuurt gesloopt (ik geloof in 1960). De verhalen die Els Moorman en Peter Johansen vertelden herkende ik onmiddelijk en gaf mij meteen een gevoel van herkenning en ook een beetje weemoed. Want niets van dat alles bestaat nu nog.
Hetzelfde als bij Peter Johansen kwam ook mijn moeder in de jaren dertig vanuit Friesland naar het Westen. Mijn vader kwam uit Purmerend en ze gingen in de eerste oorlogsjaren in Amsterdam wonen. Ik werd geboren in 1946 en heb de eerste 10 jaar in de Dapperbuurt doorgebracht. Dus bakker Plas op de hoek van de Dapperstraat herinner ik mij nog zeer goed. Er was ook een dochter, Betty heette die en was iets ouder als ik.
En dan het verhaal van de kolenboer “De Boer” van Peter Johansen, de hele situatie daar ging weer na zoveel jaar voor mij leven. Ik heb precies dezelfde herinneringen daar aan, zoals de zwart bestoven vrouw met het opvallende oogwit. Ik moest daar wel eens petroleum halen voor ons peteroliestel. Ze hadden een dochter van mijn leeftijd die ook bij mij in de klas zat (Willy?). In de zomermaanden als er geen kolen verkocht werden, hadden ze een verkoopkraampje met snoepgoed waarmee ze op mooie zondagen bij villa Zeeburg aan de Merwedekanaaldijk stonden. Niet ver van het “Vijfcentenbadje”. Ook de twee broers Wolff (drogist)zie ik nog zo voor mij. Leken veel op elkaar met blond haar. En schoenmaker Hofman die een zoon (Hans) en een dochter (Rina) hadden. Zij hebben het er het langst uitgehouden. Ik geloof zelfs tot aan de grote sloop van het geheel had Hans samen met zijn moeder het winkeltje nog. Er was ook een melkboer binnen dat blok, “Melkinrichting De Beemster” heette die. Een vrouw met haar kapsel in een rol met blozende wangen en een onberispelijke witte jas aan. Een grote kelk met eieren stond op de wit marmeren toonbank. En op de hoek van de Reinwardtstraat was de kruidenierswinkel van het echtpaar Thaams. Dat was de winkel waar ik voor mijn moeder vaak boodschappen moest halen. Een vriendelijk echtpaar afkomstig uit Oostzaan, hij in een kort kakiekleurig jasje en zij in een lange kakie-stofjas.
Ik ken niemand meer die dit allemaal nog weet, daarom vind ik het nu heerlijk dit nu neer te schrijven en gaandeweg als ik er over nadenk schieten er steeds meer herinneringen naar boven uit die tijd.

Groetjes van Rob Lanting

Piet Keereweer

Piet Keereweer

Ik ben in 1948 geboren en heb vanaf mijn 1e verjaardag ook gewoond in de commelinstraat 11 1 hoog achter. Ik ken de familie Menting dus wel. De ouders kwamen bij elkaar over de vloer en mijn moeder paste op Wim zijn broertje wanneer zijn ouders de kranten liepen. Ik heb ook op de Commelinschool gezeten alleen deed ik elke klas 2 maal. Ik hield niet zo van school ik hielp liever de melkboer. Ook ik ging naar de Van Swindenbioscoop en naar de Odeon. In mijn herinnering was er aan het begin van de Commelinstraat een ruimte waar de parfumflesjes werden gevuld. Verder speelde wij veel in de speeltuin 'T Zandje bij de spoorlijn en bij het monument waar in de oorlog een jongen was doodgeschoten. Ook kon je voor een kwartje voor 2 uur een autoped huren of voor 1 uur een fiets, daar kon je niet mee remmen. Ook haalde ik tussen de middag een zakje kolen maar weet niet meer waar dat was.
Groeten Piet Keereweer

null

Els Moorman

Ik heb mijn hele jeugd in de Reinwardtstraat gewoond en beste Peter Johansen dat van de kolenboer klopt, maar die zat in de Dapperstraat.Op de ene hoek van de Dapperstraat-Wijttenbachstraat zat bakker Plas en net een huis terug was de kolenwinkel van de familie de Boer. Hij had wel degelijk kinderen en als ik mij niet vergis waren dat 3 meiden waarvan er een Martha heette en waar wij mee bevriend waren. Een stukje terug richting de Reinwardtstraat was ook een drogisterij maar die heette niet "Iris"want dat was een parfumeriezaak in de van Swindenstraat naast Vilters de platenzaak.
De gebroeders de Wolff waren dat, daarnaast een kapsalon en een schoenmakerij van de familie Hofmann weer daarnaast.
Waar ik zo ontzettend op hoop is dat er reakties van oud-bewonersop komen, mensen die net zoals ik hun jeugd hebben doorgebracht in de Reinwardtstraat of Dapperbuurt.

null

Wim Menting

Beste Peter,

Ik ben geboren in 1945 en was tot mijn 8ste woonachtig in de Commelinstraat op nummer 11 "twee hoog achter".Later woonde ik in de Von Zesenstraat.De Commelinschool in de Van
Swindenstraat (dezelfde als waarin de zo leuk door jou beschreven parfumeriezaak"De Iris" gevestigd was) was mijn lagere school. Dagelijks liep ik door de Dapperstraat naar school.Zo'n beetje tegenover Borggreve,de ju-welier, was "De Iris", naaste het Van Swindentheater. Maar nou kan ik mij één ding NIET herinneren ;dat er een kolenhandel naast
die geurtjeswinkel was!! Volgens mij vergis je je.Mijn vader en moeder bezorgden dagblad
"Het Parool" in het gedeelte van de Dapperbuurt waar jij woonachtig was; ook in de Reinwardtstraat.Ik denk van 1950 tot ongeveer 1955.Ik ging vaak mee tijdens het bezorgen,maar nogmaals een kolenhandel in de Eerste Van Swindenstraat: was dat nou zo.
Er is een boek "Stomweg gelukkig in de Dapper-
buurt" waarin een foto staat van diezelfde
Iris. Opnieuw: geen kolenhandel. Wél waren er
kolenhandels in de Commelinstraat (tussen Dapperstraat en Pontanusstraat) en in de Von Zesenstraat (tussen Dapperstraat en Linneuas-
straat). Het maakt verder niet uit hoor, want je stukje vind ik bijzonder leuk geschreven.
Groetjes, Wim Menting

PS
Leuke bijkomstigheid: mijn vader is ook op Kattenburg geboren.

null

karel johansen

dank je broer volgens mij zijn er nog meer mensendie iets te vertellen hebben over onze familie