Spitskopstraat 5 II – Het gezin Noot (9)

Informatie uitwisseling Amsterdam – Borculo: deel 2

Verteller: Frits Slicht Frits Slicht
Auteur: Frits Slicht Frits Slicht
Spitskopstraat
Portret van Rachel Cozijn, bron: Joodsmonument.nl

Portret van Rachel Cozijn, bron: Joodsmonument.nl

In augustus 1940 krijgt Het Bureau Maatschappelijke Steun informatie over het salaris van Hartog Noot. Daar in wordt nogmaals gesteld dat het salaris fl.2000,- per jaar is maar dat hij daarnaast nog emolumenten heeft van ongeveer fl.3,50 per week. De emolumenten betreffen onder andere voor het slachten van kippen, vermoedelijk als rabbinaal opzichter. De ambtenaar dit heeft geschreven vraagt zich overigens af of deze inkomsten wel van blijvende aard zullen zijn, dit met het oog op het verbod van ritueel slachten. Hij lijkt haast te verzuchten: ‘de tijd zal ’t leren’. Hartog bewoont met zijn gezin een huis van de Israëlitische Gemeente, het huis kost hem fl.150,- per jaar. Hoewel is geen verdere briefwisseling heb gevonden over deze geldkwestie, ga ik er vanuit dat Hartog het bedrag van minimaal 14 gulden moest blijven betalen.

Het jaar 1942

Brief van of namens de Directeur voor Sociale Zaken over de financiële situatie van de weduwe Noot – Cozijn. Bron: dossier Gem. Bureau voor Maatschappelijke Steun, SAA.

Brief van of namens de Directeur voor Sociale Zaken over de financiële situatie van de weduwe Noot – Cozijn. Bron: dossier Gem. Bureau voor Maatschappelijke Steun, SAA.

In januari 1942 doet de Directeur voor Sociale Zaken (de nieuwe naam voor Het Bureau) een nieuw verzoek om inlichtingen. Hij verzoekt om inlichtingen: ‘aangaande de maatschappelijke en in het bijzonder de financieele omstandigheden van Mw. R. Noot - Cozijn, wonende Kerkstraat 137 te Borculo’. Hij geeft aan dat hij deze inlichtingen nodig heeft in verband met haar onderhoudsplicht ten aanzien van haar schoonvader Ph. Noot. Dit is wat je noemt een pijnlijk moment. Deze Directeur was blijkbaar op de hoogte van ‘het overlijden’ van Hartog Noot.

Verslag van de Onbezoldigd Rijksveldwachter te Borculo, bron: dossier Gem. Bureau voor Maatschappelijke Steun, SAA

Verslag van de Onbezoldigd Rijksveldwachter te Borculo, bron: dossier Gem. Bureau voor Maatschappelijke Steun, SAA

Het is uiteindelijk de ‘Gemeente  en Onbezoldigd Rijksveldwachter te Borculo’ die een rapport opmaakt. Hij schrijft dat het met het gezin goed gaat, de vrouw en kinderen verkeren in goede gezondheid. Zij heeft een inkomen van fl.22,50 per week, benevens vrij wonen. Deze inkomsten ontvangt zij van: ‘de Joodsche Gemeente en de Joodsche Raad’. Hij verstrekt geen enkele informatie over de vader, Hartog Noot. Op het moment van de aanvraag is Hartog al enige maanden dood, hij werd op 16 oktober 1941 in Mauthausen vermoord.

Een en ander betekent voor Philip Noot dat zijn uitkering zal worden verhoogd, overigens pas vanaf oktober 1942. Het bedrag wordt gesteld op fl.12,25 per week, verder ontvangt hij nog steeds een bedrag fl.0,50 van het Nederlands Israëlitisch Armbestuur. In 1942 doet hij nog een keer een aanvraag bij het Gemeentelijk Bureau voor Sociale Zaken. Deze keer gaat heet om schoenen. Ook nu weer kan hij deze met een bon gaan ophalen.

Aanvraag voor schoenen voor Philip Noot. Bron: dossier Gem. Bureau voor Maatschappelijke Steun, SAA.

Aanvraag voor schoenen voor Philip Noot. Bron: dossier Gem. Bureau voor Maatschappelijke Steun, SAA.

De laatste mededeling is van 7 januari 1943. Het gezin, bestaande uit Philip en zijn vrouw Schoontje, is naar Duitsland gedeporteerd. De beslissing is dat de uitkering, de onderstand, wordt ‘ingetrokken’.

Terug NAAR: Spitskopstraat 5 II – Het gezin Noot (1)

OF NAAR: Spitskopstraat 5 II – Het gezin Noot (10)

Alle rechten voorbehouden

30 keer bekeken

Geen reacties

Voeg je reactie toe