Plusfours

Verteller: Jan
1 Fan
Weesperzijde - Van der Kunbuurt

We liepen als kind zomer en winter in een korte broek.

 C&A reclame voor de plusfour, maar veel moeders kochten de broek niet, zij maakten 'm na.

C&A reclame voor de plusfour, maar veel moeders kochten de broek niet, zij maakten 'm na.

Alle rechten voorbehouden

Eigen kleren maken, dat deed mijn moeder vaak. Ze wilde natuurlijk dat wij er ook zo netjes mogelijk bij liepen. Maar toen had je de tijd dat de plusfours in de mode kwamen. Drollenvangers noemden we die ook wel. Dat waren van die jongensbroeken die tot onder je knie kwamen en dan met zo'n bandje of elastiek om je been knelde. Ik heb nu nog steeds een hekel aan die dingen. En mijn moeder maar in de etalages gaan kijken hoe die rot dingen in elkaar zaten. Ging zij er ook een naaien voor mijn broer en mij. Nou, ik heb dat ding twee weken gedragen. Daarna was ik het zat. Nu moet ik wel erbij vertellen dat ik altijd een moeilijke ben geweest wat kleren dragen betreft. Maar met zo'n plusfours weigerde ik te lopen. Deed ik weer gewoon mijn korte broek aan. Want wij liepen als kind zomer en winter in een korte broek. Dat was gewoon zo en daar was je ook aan gewend. Een lange broek kreeg je pas voor het eerst op je zeventiende of zo. Voor die tijd liep je in een korte broek of een rijbroek of van die dingen. Had je wel altijd sport kousen aan. Anders zou het toch wel te koud geweest zijn. En die bretels. Daar had ik ook zo'n hekel aan. Nu staan die dingen wel sportief of zo, maar vroeger waren bretels een beetje armoedig. Hoewel iedereen ze droeg, gebruikten de mannen toch ook vaak een hesje om te verbergen dat ze bretels droegen.

Alle rechten voorbehouden

4156 keer bekeken

4 reacties

Voeg je reactie toe
Peter Fijma

De drollevanger van Spett.

Soms, als er kinderbijslag was, liepen wij op een zaterdag op mijn 11e jaar naar de 1e Oosterparkstraat. Je zou denken; nieuwe kleuren, nieuw geluk. Wij liepen tot de winkel van de heer Spett, tegenover het OLVG. Deur open, winkelbel klingelde en daar kwam hij, op het oog een aardige man. "Mijn zoon wil graag zo'n 3/4-broek, die in de mode schijnen te zijn".....zei mijn moeder. Hij kwm aan met een heel donkerrode en een vaalgrijze ! "Passen", zei mijn moeder kortaf. Nog voor ik het ding aanhad, riep de heer Spett "Fantasrischch"en keek mijn moeder lieftallig aan. Gelukkig waren wij met ons drieen in de winkel. Mijn moeder betaalde met "Ouwel-zegels" en nam daarmee achteraf een voorschot op de kinderbijslag.... Dolgelukkig verliet ik als eerste de winkel. Ik mocht de broek, de drollevanger, meteen aanhouden; mijn dag kon niet meer stuk... Mijn moeder kwam naar buiten en wij liepen naar Presburg; daar gekomen met mijn been op zo'n voetlegger, vroeg een verkoper mijn moeder naar de reden van haar komst..... Mijn zoon hier wil graag van die moderne Hevea-sandalen ! "Daar heb ik een hele voorraad van, want ze lopen geweldig en vliegen weg"zei de grapjas. Ineens keek hij mij aan en vroeg mij welke kleur ik wilde; snel keek ik mijn moeder aan, want zij bepaalde altijd immers alles......ze knikte. "Welke kleuren heeft u daarin"vroeg ik beleefd. Mat zei de verkoper "Bruin of ietwat lichtbruin" somde hij op. Ik kon maar geen keuze maken en liet moe beslissen.   Van ellende mocht ik ook mij nieuw (?) bekomen schoenen (?) aanhouden. Ik dacht "als ik maar geen bekenden zie, onderweg naar huis" en samen liepen wij weer terug naar de Transvaalstraat. Onderweg kwam ik als eerste mijn vriendin Greetje Jansen tegen. Ze was zo lief om niets te zegggen  en verderop zag ik nog drie klasgenoten, die in hun normale schoenen mij minachtend aankeken en de maandag daarop pas hun oordeel gaven... Ik vergeet nooit het welkom die maandag van al mijn klasgenoten !!! "Zo Peet, inkopen gedaan ??" klonk het klassikaal en schaamde mij tot in mijn ziel.....Maar ik wel mooi een nieuwe pantalon en schoeisel, Traditioneel zou mijn jongere broer mijn kleding en accessoires krijgen, maar na 14 dagen gaf ik mijn spullen met grote liefde aan mijn broer Jaap !!!!

nic

burger

inderdaad, ik ben geboren in 1928 en droeg tot mijn 17e een korte broek, zomer en winter en dat was heel gewoon.
(Nu dragen jongens al vanaf baby een lange broek, zelfs als ze gaan zwemmen tegenwoordig een zwembroek tot op de knieen ).
Gewoon een kwestie van wennen en we wilden ook niet anders.

Cees van de Wouw(67)

van korte naar lange broek

Dat was tenminste de normale volgorde. Tussen de korte en de lange broek zat de plusfour. Van ribfluweel dacht ik. Toch heb ik die niet lang gedragen. In een korte broek viel ik van de fiets mijn knieën kapot. Met de plusfours viel ik - veel erger - gaten in de knieën van de broek. Daar werd vervolgens een korte broek van gemaakt, zodat ik redelijk te lang, inderdaad zomer en winter in een korte broek heb gelopen.

Een bezoeker

Co Maarschalkerweerd

Als kind, kort na de bevrijding, mochten m'n tweelingbroer Joop en ik ons ook de gelukkige bezitter noemen van zo'n Plusfours. Die (inclusief jekker) was gemaakt van een Canadese Battle-dress in de bekende khaki-kleur. Om de militarie afkomst enigzins te verdoezelen, had m'n grootmoeder, waar ik tijdens de oorlog opgroeide, de beide pakjes in een waterverfbad gedaan. Ze hadden toen (heel toepasselijk) een oranje-rode kleur gekregen!... Maar ja, je was al blij dat je wat had. Het grootste deel van de oorlog droeg je (zomer en winter) een korte broek. En - omdat familie van m'n grootvader een klompenmakerij had - klompen, die 's winters met stroo of papier werden opgevuld om enigszins bescherming tegen de kou te bieden. De winters waren toen nog behoorlijk koud! Als je door de sneeuw baggerde, op weg naar school, dan klitte die sneeuw vast onder de zool van de klompen en moest je die er zo nu en dan aftikken. Totdat m'n grootvader op het idee kwam er zolen van het rubber van een oude autoband onder te slaan. Toen was ook die ellende voorbij!....