Loodgieter-Gasfitter Van Franeker

Verteller: Jan van Dalen
1 Fan
Cornelis Drebbelstraat, Newtonstraat, Wakkerstraat, Don Boscobuurt

Zonder dat ik het wist deed ik als kind boodschappen bij de groenteboer waar vroeger mijn grootvader een loodgietersbedrijf had.

 Advertentie Een advertentie uit een kerkelijk blad van de Watergraafsmeer (1923). Er staat op: Cornelis Drebbelstraat 5, voorh. Kerklaan W.G.M. (de straatnaamwijzigingen werden na de annexatie van Watergraafsmeer door Amsterdam uitgevoerd in juli 1922).

Advertentie Een advertentie uit een kerkelijk blad van de Watergraafsmeer (1923). Er staat op: Cornelis Drebbelstraat 5, voorh. Kerklaan W.G.M. (de straatnaamwijzigingen werden na de annexatie van Watergraafsmeer door Amsterdam uitgevoerd in juli 1922).

Alle rechten voorbehouden

Op 14 november 1923 begon mijn grootvader P.R. van Franeker een loodgietersbedrijf in de Cornelis Drebbelstraat. Daarvoor woonde en werkte hij als gasmeester bij de gasfabriek van Watergraafsmeer op het adres Noorder Ringdijk 8. Door de annexatie van Watergraafsmeer werd de gasfabriek in 1921 gesloten en opa werd 'eervol' ontslagen. Wat nu? Hij mocht tot 1925 in de bedrijfswoning van de gasfabriek blijven wonen en besloot om, na wat omzwervingen, in 1923 maar voor zichzelf te beginnen als loodgieter-gasfitter. Het bedrijf was geen lang leven beschoren, want al in 1925 verhuisde hij naar Wakkerstraat 6 1-hoog en werd wat later benoemd tot 'tijdelijk' leider bij de Gemeentelijke Werkinrichting voor Blinden aan de Amsteldijk 58 (jaarwedde f. 3.000,--)

Waarom nu dit verhaal? Ik werd in 1935 geboren in de Newtonstraat, verhuisde in 1938 naar de Willem Beukelsstraat 20 (schuin tegenover bakkerij van Deudekom) en bezocht van 1941 tot 1947 de Koningin Wilhelminaschool aan de Cornelis Drebbelstraat 1.
Als kind moest ik, als ik uit school kwam, voor mijn moeder nog wel eens een pond zuurkool of een krop sla bij groenteboer Busman halen. Die groenteboer was toen gevestigd, vlak naast mijn school, in de Cornelis Drebbelstraat 5, het adres van het loodgietersbedrijf van mijn opa. Ik deed dus boodschappen op de plek waar mijn opa van 1923 tot 1925 aan het loodgieteren was en ik wist dat niet! Mijn ouders en grootouders hebben dat nooit verteld. 75 Jaar nà het einde van het loodgietersbedrijf ontdekte ik dit feit pas in het kader van mijn hobby genealogie. In september 1945 verhuisde ik van Willem Beukelsstraat 20 naar de er naast gelegen bovenwoning op nummer 22. Twintig jaar Watergraafsmeer, waarvan vijf oorlogsjaren, de buurt in Oost waar ik mijn jeugd doorbracht en nog altijd met plezier aan terug denk.

Alle rechten voorbehouden

9352 keer bekeken

Bekijk meer afbeeldingen

 Familie van Dalen in 1946 21 september 1946: Jan staat naast zijn moeder, aan de andere kant staat zijn twee jaar jongere broer Piet. De foto is gemaakt tegen de zijmuur van bakkerij van Deudekom in de Wakkerstraat/hoek Willem Beukelsstraat.

Familie van Dalen in 1946 21 september 1946: Jan staat naast zijn moeder, aan de andere kant staat zijn twee jaar jongere broer Piet. De foto is gemaakt tegen de zijmuur van bakkerij van Deudekom in de Wakkerstraat/hoek Willem Beukelsstraat.

Alle rechten voorbehouden
 De Cornelis Drebbelstraat nummers 3 tot 7. Deze panden bestaan niet meer, er zijn andere woningen voor in de plaats gekomen. Rechts zie je tussen de geparkeerde voertuigen het raam en de deur van de groentewinkel Busman op nummer 5; het pand waar in 1923 het loodgietersbedrijf van Franeker begon. (Foto: Gemeentearchief Amsterdam)

De Cornelis Drebbelstraat nummers 3 tot 7. Deze panden bestaan niet meer, er zijn andere woningen voor in de plaats gekomen. Rechts zie je tussen de geparkeerde voertuigen het raam en de deur van de groentewinkel Busman op nummer 5; het pand waar in 1923 het loodgietersbedrijf van Franeker begon. (Foto: Gemeentearchief Amsterdam)

Alle rechten voorbehouden
 De Willem Beukelszstraat juni 1941. De foto is genomen vanaf de hoek Zacharias Jansestraat. Links in het midden is de Hans Lipperheistraat (thans James Wattstraat). Deze straat was toen maar ongeveer 150 meter lang en eindigde met een hek over de volle breedte. Achter dat hek lag, anderhalve meter lager, het volkstuincomplex Klein Danzig. Rechts naast de Hans Lipperheistraat het blokje Willem Beukelsstraat waar Jan toen woonde (huisnrs: vlnr 24 t/m 14). Op de achtergrond is de Ringdijk zichtbaar met aan de andere kant van de Ringvaart de woningen op de Transvaalkade. (Foto: Gemeentearchief Amsterdam)

De Willem Beukelszstraat juni 1941. De foto is genomen vanaf de hoek Zacharias Jansestraat. Links in het midden is de Hans Lipperheistraat (thans James Wattstraat). Deze straat was toen maar ongeveer 150 meter lang en eindigde met een hek over de volle breedte. Achter dat hek lag, anderhalve meter lager, het volkstuincomplex Klein Danzig. Rechts naast de Hans Lipperheistraat het blokje Willem Beukelsstraat waar Jan toen woonde (huisnrs: vlnr 24 t/m 14). Op de achtergrond is de Ringdijk zichtbaar met aan de andere kant van de Ringvaart de woningen op de Transvaalkade. (Foto: Gemeentearchief Amsterdam)

Alle rechten voorbehouden
 Willem Breukelstraat Jan heeft nog een ansichtkaart van omstreeks 1942 van de even kant van de Willem Beukelszstraat, waar hij gewoond heeft. Het is het stukje gelegen tussen de Simon Stevinstraat en de Hans Lipperheistraat (thans James Wattstraat). Huisnummers v.r.n.l.: 14 t/m 24 De bomen die op de foto staan hebben in de hongerwinter allemaal het loodje gelegd, 's nachts stiekem omgezaagd en gebruikt voor verwarming en het noodkacheltje (koken).

Willem Breukelstraat Jan heeft nog een ansichtkaart van omstreeks 1942 van de even kant van de Willem Beukelszstraat, waar hij gewoond heeft. Het is het stukje gelegen tussen de Simon Stevinstraat en de Hans Lipperheistraat (thans James Wattstraat). Huisnummers v.r.n.l.: 14 t/m 24 De bomen die op de foto staan hebben in de hongerwinter allemaal het loodje gelegd, 's nachts stiekem omgezaagd en gebruikt voor verwarming en het noodkacheltje (koken).

Alle rechten voorbehouden
 Wilhelmina school Een advertentie voor de Koningin Wilhelminaschool uit het jaarboekje 1962 van de Gereformeerde Kerk Watergraafsmeer.

Wilhelmina school Een advertentie voor de Koningin Wilhelminaschool uit het jaarboekje 1962 van de Gereformeerde Kerk Watergraafsmeer.

Alle rechten voorbehouden
 Klassefoto van Jans klas aan de Koningin Wilhelminaschool: 1942-1943. De foto is genomen tegenover de ingang van de school, voor het hek van de daar gevestigde smederij Lagerwaard. Jan staat op de foto achteraan, de tweede jongen rechts naast juffrouw Helena van Vliet. Zij was een dochter van de toenmalige hoofdonderwijzer D. van Vliet. De school werd in de oorlog trouwens door de Duitse bezetter gedwongen om zijn in prachtige smeedijzeren letters uitgevoerde naam van de gevel van het schoolgebouw te verwijderen.

Klassefoto van Jans klas aan de Koningin Wilhelminaschool: 1942-1943. De foto is genomen tegenover de ingang van de school, voor het hek van de daar gevestigde smederij Lagerwaard. Jan staat op de foto achteraan, de tweede jongen rechts naast juffrouw Helena van Vliet. Zij was een dochter van de toenmalige hoofdonderwijzer D. van Vliet. De school werd in de oorlog trouwens door de Duitse bezetter gedwongen om zijn in prachtige smeedijzeren letters uitgevoerde naam van de gevel van het schoolgebouw te verwijderen.

Alle rechten voorbehouden
 Foto ingestuurd door Henny van der Heijden-Meuleman (zie reactie onder het verhaal). Groentenboer Busman kende ik ook goed. Hij had twee zoons: Ab en Co. Ik heb een prachtige foto van na de oorlog van verschillende buurvrouwen en mijn moeder daar op. Het bord boven de zaak zegt genoeg: 'Busman hielp ons de oorlog door. Groentenboer Busman zit op een kist voor zijn zaak. Ik weet niet alle namen meer, maar die ik mij nog herinner zijn: (vlnr) Mevr. Lemstra, Mevr. Vos, Mevr. Rakers (timmerwerkplaats), Bep Meier, ?, Mevr. Meuleman, mijn moeder (met kort wit jasje), ?, ?, Ab Busman, Groentenboer Busman, Co Busman, Hr. en Mevr. Weidieks (loodgietersbedrijf), Mevr. Lagerwaard (smederij) en ?.

Foto ingestuurd door Henny van der Heijden-Meuleman (zie reactie onder het verhaal). Groentenboer Busman kende ik ook goed. Hij had twee zoons: Ab en Co. Ik heb een prachtige foto van na de oorlog van verschillende buurvrouwen en mijn moeder daar op. Het bord boven de zaak zegt genoeg: 'Busman hielp ons de oorlog door. Groentenboer Busman zit op een kist voor zijn zaak. Ik weet niet alle namen meer, maar die ik mij nog herinner zijn: (vlnr) Mevr. Lemstra, Mevr. Vos, Mevr. Rakers (timmerwerkplaats), Bep Meier, ?, Mevr. Meuleman, mijn moeder (met kort wit jasje), ?, ?, Ab Busman, Groentenboer Busman, Co Busman, Hr. en Mevr. Weidieks (loodgietersbedrijf), Mevr. Lagerwaard (smederij) en ?.

Alle rechten voorbehouden

20 reacties

Voeg je reactie toe
Henny van der Heijden-Meuleman

Groentenboer Busman

Ik herinner mij jou niet. Wij woonden in de Simon Stevinstraat 15 huis.
Mijn moeder staat vooraan met het korte witte jasje.
Ik ben in 1935 geboren, dus ook al 80 jaar.

Andre Droog

Re: Groenteboer Busman

Marion spruit:
mijn vader Jan Spruit heeft jaren lang bij Busman gewerkt. Hij is inmiddels 83 jaar en heeft het er nog vaak over.

Ik ben in 1945 boven groenteman Busman geboren en heb daar 7 jaar gewoond.
als we in de kamer te luitruchtig speelden dan pakte busman de bezem en stompte tegen het plafond. ten teken dat we rustig moesten zijn. Mijn moeder staat ook op deze foto ze is 5e van links.
Er zijn vast nog wel mensen die zich mij herinneren. Mijn rechter arm was korter en mijn hand stond er haaks op (klomphand).

Marion spruit

Groenteboer Busman

mijn vader Jan Spruit heeft jaren lang bij Busman gewerkt. Hij is inmiddels 83 jaar en heeft het er nog vaak over.

Ine Custers - Verheijen

Loodgieter

Hallo Annie Glastra,

Ik heb met aandacht u verhaal gelezen en ben heel benieuwd of er bij jullie in de lederzaak vroeger een jongen heeft gewerkt met de naam Ko of Kootje Verheijen. Dat is namelijk mijn vader en ik weet dat hij voor zijn 20 ste jaar bij een lederhandel heeft gewerkt waar hij ook nog een tasje heeft gemaakt voor het dochtertje van zijn zus in Australië. Hier is nog een foto van en het tasje is er nog altijd. Ben erg benieuwd naar een reactie of dit de goede zaak was waar hij heeft gewerkt.
Dan hebben we nog vanalles te vertellen.
Mijn email adres is: icusters@hotmail.com
Met vriendelijke groet Ine Custers

Ine Custers - Verheijen

Kinderjaren op Willem Beukelsstraat 18

Hallo Wilhelm Carton,
Heel mooi verhaal over vroeger wat ik met volle aandacht heb gelezen en er geen genoeg van krijg om nog meer te weten te komen hierover,Ik ben heel erg benieuwd naar het jongentje Kootje Verheijen(1934 geboren) die op de hoek van de wakkerstraat woonde tegenover de bakkerij van Deudekom in het verhaal mijn vader is. Vaker zit ik op internet vanalles te lezen over de oorlogsjaren en daarna in Amsterdam Watergraafsmeer. Opeens kwam ik op de wakkerstraat terecht en zag ik dit prachtige verhaal. Mijn vader had er vaak over verteld en als we weer eens in Amsterdam kwamen reden we altijd weer even door de wakkerstraat .Ze waren bij hem thuis met 6 broers en zussen, Anneke Jopie (zij is later geïmmigreerd naar Australië in ik dacht 1954) Henk Willie Kootje en Cor.
Zijn Familie is toen Kootje 21 jaar was verhuisd naar Limburg.
Ik hoop dat we het samen over dezelfde Ko hebben dan konden we nog veel dingen samen uitwisselen wat ik heel fijn zal vinden.
Zou het prachtig vinden als ik een reactie van U krijg.
Met de allervriendelijke groeten van de dochter van Ko Verheijen.

Wilhelm Carton

Kinderjaren op Willem Beukelsstraat 18

Mijn naam is Willie Carton en ik woonde tot m'n 9e jaar (tot sept 1950) in het benedenhuis Willem Beukelsstraat 18 in Amsterdam-Watergraafsmeer. Het was een verhoudingsgewijs brede straat met brede trottoirs. Mijn vroegste herinneringsfragmenten dateren van het einde van de oorlog: mamma zat zuchtend aan tafel te schuiven met ‘postzegels’ oftewel tweekleurige distributiebonnen met daarop het weeknummer en de artikelnaam, bijvoorbeeld ‘aardappels’. Bij bakkerij Deudekom - op de hoek van de Wakkerstraat schuin tegenover ons huis - stond een soldaat bij een auto met open laadbak, overdekt met een canvasscherm, waaronder broden werden ingeladen. Die soldaat gaf mij een snoepje. M’n zusje Clary zag dat, en zei later tegen mij “dat snoepje kreeg je van een foute soldaat, nog een paar dagen dan komen de goede soldaten”. Ik snapte er niets van… Op zekere dag was er in onze stille woonstraat een grote drukte: een optocht van de grote mensen, met mannen in vrouwenkleren en vrouwen in mannenkleren. Mijn moeder spande een oranje juten sjerp over mijn borst en schouder naar mijn broekrand voor en achter en duwde mij in de optocht. Ik liep tussen de benen van de grote mensen en kon niet veel zien, alleen een kinderwagen op korte afstand voor mij kon ik zien door de lange benen van het paar dat de wagen voortduwde. Het voelde als vreugdevol feest en ik vroeg later aan m’n moeder wanneer er weer zo’n straatfeest kwam. Haar antwoord: “Nee, het is maar één keer Bevrijdingsfeest”. Clary herinnerde zich later dat zij een kinderfeest had gehad in het Ajax-stadion aan het eindpunt van tramlijn 9.
Pappa en mamma namen een keer ons mee met de tram de stad in naar een grachtentocht per amfibievaartuig. De tram kwam op de rotonde bij het Koloniaal Instituut (nu Tropenmuseum). Daar stonden twee legergroene oorlogsvliegtuigen in het gras. De tram reed stapvoets en ik zag naden in het voorste vliegtuigje, dat wel van hout leek. Veertig jaar later bladerde ik in plaatjesboeken met oorlogsvliegtuigen in de hoop er eentje te herkennen. Tegen mijn verwachting in vond ik een match met mijn peuter-geheugenbeeld: een Mosquito-jachtvliegtuig. Na m’n pensionering zocht ik op het Internet naar bijzonderheden. Het blijkt dat de Mosquito een balsahouten romp had met metalen vleugels uit één groot stuk dwars door de romp! Het tweede vliegtuigje identificeerde Volkskrantlezer Guus van Waveren in 2011 als een Spitfire. Ze stonden daar op het Mauritskade-plantsoen ter gelegenheid van een tentoonstelling over de RAF. Ik had Van Waveren een brief geschreven na zijn verhaal in de krant van 14 oktober 2011 over hoe hij als 10-jarig kind de jodenwegvoering had gezien vanuit zijn huis in de Wijttenbachstraat.
Ergens in de stad, pappa noemde het de Prins Hendrikkade, stapten wij in een DUKW, een vooraan spits toelopende wagen op vier wielen en een schroef en roer tussen de achterwielen, bestuurd door militairen. Eenmaal vol met mensen reed hij vanaf een schuine afrit het water in. De enorme plons en boeggolf maakten mij doodsbang. De DUKW bleef drijven en ging varen! Ik was drie à vier jaar oud, maar herinner mij dit haarscherp. Ook herinner ik me dat pappa mij op een lichte zomeravond meenam naar de boekwinkel Lintveld op de T-kruising Middenweg-Hogeweg om vanaf hun balkon te mogen kijken naar de doortocht van Churchill over de Middenweg. Pappa zei “probeer dit goed te onthouden! Dat je dit nog weet als je later groot bent!” Rijen dik stonden de mensen langs de Middenweg, vanaf de brug bij de Linnaeusstraat tot aan de andere kant naar de Emmakerk, waarvoorbij op het braakliggende Emmaveld een Brits militair tentenkamp was, op de plek van het latere ‘Jeruzalemdorp’. Langzaam kwam de stoet voorbijrijden, met in een open auto staand meneer Churchill die met z’n rechterhand zwaaide en het V-teken maakte. Dat bezoek aan Amsterdam van Europa’s redder dateert van mei 1946.

Het woonbuurtje Willem Beukelsstraat
Wij hadden een diepe achtertuin op het zuidwesten. Rechts achterin stond een kippenhok. Daarin hielden pa en ma een stuk of vier kippen en een haan. Eén watervlug en tenger kippetje noemden m’n zusje Clary en ik het “krengenkipje”. Erachter stond een hoog uitgegroeide perenboom, waar pappa bij de oogst bij klom met een schepnetje aan een lange stok. De tuin had een centraal grasveld, omzoomd met stroken aarde bij de houten schutting tussen ons en rechterburen Huizinga en linkerburen Claus. Achterin waren veel meer meters aarde met planten, afgegrensd met twee lage witte hekjes. De gaten onder de achterschutting waren dichtgestopt met platen draadglas, waarvan pappa er enkele weggaf aan meneer Dirk Nagtegaal voor de Geuzenkeet. In de aarde stonden forse heesters. Tegen de rechter schutting groeiden rozen, tegen de linker morellenstruiken. Van de linkerschutting werd het voorste deel ingenomen door de schuur, die schuin insprong tot op het middengras. De zijkant van de schuur bevatte een lattenrooster waartussen ook een vruchtenstruik groeide. Midden in de tuin stond een pruimenboompje.
In de winter van 1946-1947 lag er een pak sneeuw en pappa maakte foto’s van mij terwijl ik een paadje door de hoge sneeuw schepte. Er kwam een lange periode van strenge vorst waardoor de riolering bevroor. Als wij of de bovenburen Van den Brand het toilet doortrokken kwam het bruine spoelwater en faeces in onze WC-pot omhoog en stroomde over de rand. Toen kregen we GGD-tonnetjes om onze behoeften op te doen. De gemeente groef het trottoir open en ontdooide met een stoomketel de bevroren riolering. Toen eindelijk in maart de sneeuw ging smelten, lekte het dak van mijn kleuterschool Trifosa smeltwater waardoor in het speellokaal bruine vlekken zich dreigend uitbreidden over het plafond. Na die strenge winter kwam er een langdurige, zonnige, hete zomer: de topzomer van 1947.

In onze huizenrij woonden o.a. vanaf de hoek James Wattstraat tot Simon Stevinstraat de families Winterwerp, Veenhuizen, Van Daalen, Wirtz, Claus, Van den Brand, Huizinga, mw Kruimer, mw Niehaus en fam Huis in’t Veld. Tegenover ons woonden vanaf de hoek Simon Stevinstraat o.a. mw Van den Berg (met rood schaaltje “water tegen hondjespis gooier” tegen haar hoekmuren), fam Meijer, Rintjema, Baaij, Veltman, Voortallen, en Verheyen in het hoekhuis Wakkerstraat. Op de tegenoverliggende hoek van de Wakkerstraat was de bakkerswinkel van W. Deudekom, met de bakkerij-uitgang aan de Wakkerstraatkant. Daar stond aan de stoeprand de enige auto uit de gehele buurt, een zwarte T-Ford. En houten bakkerskarren op de oprit. ’s Ochtends was daar veel activiteit: het beladen van de karren, alvorens deze de wijk in werden geduwd door de broodventer te voet erachter.
Ook andere leveranciers kwamen door de wijk, zoals groenteman Vogelvang met zijn gebruinde gezicht achter zijn reusachtige platte handkar met keurig ingedeelde vakken aardappels, groenten en fruit. En boordenman Nierkens op z’n fiets met grote rieten mand op het voorwiel. Maar wij gingen voor boodschappen naar de winkels: brood bij Hofmann in het oudste stuk Wakkerstraat voorbij de Oude Kerk, groenten bij Busman in de Cornelis Drebbelstraat, snoep bij Mie'tje van Kooperen en zuivel bij Niessink in de Wakkerstraat tegenover Trifosa. Mevrouw Niessink stond achter de toonbank en had geen stem, maar kon alleen fluisteren.

Buurtkinderen
Schuin boven de winkel van Deudekom woonde Toos Ooms. Zij had Clary’s leeftijd. Maar ze was rooms, dus geen vriendinnetje. Evenmin als de opgeschoten dochters Veltman tegenover ons huis. Clary speelde met Noortje Wanders en Emmy Schmidt die om de hoek in het doodlopende stuk Simon Stevinstraat woonden, en met Agatha Rintjema van de overkant. Ikzelf speelde in de tuin dwars door de verticale schuttingopeningen met Elly Ketting en met m’n buurmeisjes Marijke en Erda Huizinga. Op straat speelde ik met allemaal oudere jongens, die bij Clary in de schoolklas zaten: Hannie van Krimpen, Dickie van Laar, Appie van Donselaar, Hans Huis in’t Veld, Paul Koopman. We speelden ‘trammetje’, en renden over de zelfgetrokken krijtstrepen de straat door, altijd vanaf het beginpunt voor ons huis. Naast ons huis liep de streep langs de stoeprand omdat mw Kruimer geen krijtstrepen op haar trottoir tolereerde. De langste route die wij éénmaal maakten, liep naar de Ringdijk, langs het koffiehuis en kapper Hagevoort helemaal tot aan de taxistandplaats op de dijk bij de brug naar de Linnaeusstraat, waarschijnlijk in 1949.
Andere spelletjes: toernooitjes voetballen, ‘overschieten’, koppen of stompen, hele ‘kampioentjes’. De wedstrijdjes vonden altijd plaats op het brede trottoir voor ons huis. Tegen Dickie van Laar speelde ik in 1949 een wedstrijdje ‘overschieten’ op elkaars doel (tussen de muur en boom bij de stoeprand). Toen werd ik binnengeroepen met het bevel “we gaan eten”. “Nog één schot”, riep ik terug en dat was een schot van mij gevolgd door een schot van Dickie. Dickie was links. Hij schoot een rare ‘punterbal’. De bal schampte dreunend het bovenraam van onze huiskamer dat in scherven viel. Ruit ingeschoten! Pappa lag ziek in pyjama thuis en was woedend.
Hans Huis in’t Veld was enig kind en woonde met z’n ouders en opa’tje Susan in het hoekhuis Willem Beukelsstraat / Simon Stevinstraat. Met hem perste ik in de lente “rozewater”, reukwater van rozebladeren.
Welke jeugdigen woonden er nog meer in de straat? De bovenburen Van den Brand hadden een werkster Sophie, een opgeschoten zoon Ruud en dochter Thea. Sophie klopte matjes op straat en riskeerde zodoende een bekeuring. Ruud studeerde voor dokter; en dochter Thea had verkering met Arend Rodermond uit Nijensleek, die de zeldzame bezitter van een auto was. Daarin mochten Clary en ik op een zomeravond in 1948 mee naar de kroningsfeesten in de stad. De benedenburen waren Huizinga op nummer 16 en Claus op 20. Tom en Jan Claus waren grote jongens. Zij hadden een schommel in hun tuin onder een afdak bij hun schuur. Hun bovenburen was de inbrekersfamilie Wirtz, met hun zoon Herman alias ‘Guppie’ en dochter Carolien, die ‘s avonds bij het afwassen met haar zus het liedje “Bella bella bella Marie” lalden. Clary en ik hoorden bij onze slaapkamermuur hoe de vaat over het aanrecht werd gesmeten en de stamper tegen de muur kwakte, wat ons elke avond lol bezorgde. Daarnaast woonde Van Dalen, met de opgeschoten zoons Jan en Piet. Tegenover ons woonden Kees Meijer, Agatha Rintjema en Ko’tje Verheyen. Ko’tje Verheyen met z’n afgetrapte gympen durfde met Herman Wirtz en Ronald Heeswijk in de James Wattstraat zich door het prikkeldraad te laten zakken op het 1½ meter lagere volkstuincomplex ‘Klein Dantzig’ om daar fikkie te steken en aardappels te piepen. Carolien Wirtz waarschuwde haar broer: “Guppie, als de ‘kip’ komt ben je de kurk”. De ‘kip’ was politie, dezelfde boeman als voor matjeskloppende Sophie omdat het niet mocht vóór de klokslag van 10 uur.
Maar er waren meer boemannen. Naar de Ringdijk toe woonden de broers Lookman. Zij voetbalden op het trottoir en de doodlopende middenstraat bij de Rehobothkerk, tot de koster naar buiten kwam rennen. Dan kozen ze het hazenpad. Als het hun niet lukte om hun bal in hun vlucht mee te nemen, nam de koster hem in beslag en waren ze hem kwijt. De straat liep hier dood bij het houten hek van de kwekerij. Hier werd in 1949 een ander balspel populair: honkbal, wat ik verstond als ‘hombal’. Pas jaren later bracht ik dit in verband met OVVO’s landskampioenschap honkbal aan de Kruislaan tijdens de dynastie van Charles en Hannie Urbanus.
Tegenover de Rehobothkerk stond de Willem van Outshoornschool. Dat was een openbare lagere school. Tijdens verkiezingen was hierin een stemlokaal, waar o.a. mijn vader en de vader van Hans en Marijke Eijgenhuizen uit de Wakkerstraat toeziend ambtenaren waren. Ik mocht dan een lunchpakketje brengen.
Achter het hek liep een paadje over een strook braakliggend gras omlaag naar de kwekerij. Aan de kopse kant van de Willem van Outshoornschool was in het gras een open betonnen put waarin roestige biscuitblikken lagen: grote balkvormige blikken met een cirkelronde opening aan een van de vierkante uiteinden. Die blikken biscuits waren in 1945 door de bevrijdingstroepen aangevoerd. Opgeschoten jongens bonden zulke lege blikken met touw aan elkaar tot een vlot waarop ze konden drijven in de ringvaart.

Loek van gerven

loodgieter

Ik ben annie glastra. Heb op de kon: Wilhelminaschool gezeten. in de oorlog kreeg ik wel eens een worteltje van Busseman. We hingen altijd aan het hek van de smederij als we pauze hadden. Ik sta ook op de foto met de klas van Jufr.van Vliet. Fijne herinneringen aan school en de buurt. Zelf woonde ik op de hogeweg 40 waar mijn vader een lederhandel had. Jammer dat de school er niet meer is. Ik mail met hetemailadres van mijn vriend.loekvangerven

Oene Bijstra

Oene Bijstra Roden (2) 17-6-2011

Op deze site heb ik al eerder een reactie geschreven,toen was ik 71 jaar,inmiddels dus al weer 5 jaar geleden.
U weet dus al wie ik ben en kan dus kort zijn deze keer.
Wie iets meer weet over de kinderen van Oene en Lien Bijstra; Loes en Elly dus,zou mij een groot plezier doen dit aan mij door te geven.Mogelijk hebben ook zij inmiddels wel kinderen of.......,
wie weet een nog verdere generatie.
Alvast mijn dank.:
Oene Bijstra
Mailadres nu: oene_jannie_4@hotmail.nl
Groeten uit het hoge Noorden (Drenthe)

astrid bierman

fam. bijstra

hallo ik ben astrid bierman toen ik klein was kwam ik vaak bij mijn tante lies kroeskamp de nicht van oome oene en tante lien en ik kwam loesje en elly daar ook altijd tegen inde simon stevinstraat mijn oma is een zuster van oome oene ik ben een klein kind van johanna bijstra en een dochter van bep kroeskamp ik kwam ook bij tante ploon en oome joop klein thuis die had een dochter en een zoon joopie en ingrid ik heb alleen nog contact met mijn tante lies en de broer van oome joop die heet chris klein tante lien die kwam vaak bij mijn oma thuis en als mijn oma jarig was kwam elly ook altijd met haar moeder mee

John Oene Bijstra

Bedrijf

Het bedrijf zou best eens van de Bijstra's geweest kunnen zijn.
Verder zag ik dat er een aantal Bijstra's gereageerd hebben. Ik zoek contact met Familie leden uit de andere delen van de familie.
Mijn Pake (inmiddels overleden) heette Oene Bijstra zoals mijn voorouders. Zelf ben ik John Oene Bijstra. Ik ben op zoek naar andere familie leden en ook ben ik op zoek naar Professor of Dr Jan Oene Bijstra, Zoon van Roelf Bijstra.

Men kan contact opnemen met mij op: john.o.bijstra@zonnet.nl

jan busman

jan busman

Hallo allemaal ,
Wat een geschiedenis .
Ik ben de zoon van Ap Busman en heb net gehoord van deze site.
Ik heb veel verhalen /anekdotes te vertellen.
Ga ik zeker doen.
Hallo Jan(tje ) Vreedenburg, hoe gaat het met je .
Ik kan me je moeder en je zuster nog herinneren,
Je moeder was gek op Rob de Nijs dwz fan van R d N.
50 jaar geleden. Volgens mij zong ze goed .Je zusje kan ik me ook nog herinneren.Leuke meid om te zien .
Met Sinterklaas op de Middenweg , zwartepietjes tellen .
Die kleine plaatjes van Zwarte Piet vescholen in de etalages .
Als je het totaal aantal goed had kreeg je een kadootje. het is me nooit gelukt!!
Op de hoek van de Middenweg en de Wakkerstraat had je de speelgoedwinkel van Proeski.
Twee broers , een dikkere en een dunnere in beige stofjassen .
Saaier kon het niet . maar dat is achteraf gezien ( sorry Proeskis - no offence ! )
Daarnaast in de Wakkerestraat de drukkerij van van der Linden.
Zij woonden in de Simon Stevinstraat bij de Willem Beukelstraat .
Zoon Jan met de grote snor ,Henny donker , een beetje nozem Frans georienteerd .reed ook in een citroen cabriolet,
en Wim , de oudste , kalend en" normaal'.
Ik kwan daar wel eens en mocht de papiersnippers hebben .
Goed om pijltjes te maken voor je blaaspijp.
Castelijn de schoenmaker / dieren winkel , verkocht verse pens ,
maar had geen weegschaal, en vrieskist dus kwm hij bij mn vader om de pens te wegen en vervolgens in te vriezen .
Sommige klanten vonden dat niet zo fijn ( het stonk nog al ) en hebben daar wat van gezegd.
Mijn vader heeft het Castelijn proberen uit te leggen dat het niet meer kon.
Het is niet gelukt en Castelijn heeft hem een jaar niet meer aangekeken.
Dat was het tot nu.
Groeten aan alle ouwe bekenden.

Jan Busman

Een bezoeker

Henny van der Heijden-Meuleman

Ik heb vanaf mijn geboorte (1935) tot aan ons trouwen in 1957 in de Simon Stevinstraat 15 huis gewoond. De verhalen komen mij bekend voor. Tegenover ons huis had je een timmerwerkplaats van Rakers en de smederij van Lagerwaard. De fam. Lagerwaard woonde boven ons op 1-hoog. Op de deur stond 'Meester Smid'. De ene schoenmaker was inderdaad Casteleijn en de ander heette Westenbrink. Daar tussen was een loodgietersbedrijf/winkel van Weidieks. Op de hoek van de C. Drebbelstraat en Wakkerstraat zat een snoepwinkeltje 'tante Mietje'. De verfwinkel op de hoek van de Ringdijk-C. Drebbelstraat was kruidenier Hulsman. Groentenboer Busman kende ik ook goed. Hij had twee zoons: Ab en Co. Ik heb een prachtige foto van na de oorlog van verschillende buurvrouwen en mijn moeder daar op. Het bord boven de zaak zegt genoeg: 'Busman hielp ons de oorlog door'.

Een bezoeker

Oene Bijstra (geb. 05-02-1935)

Hallo Vreedenburgh. De eigenaar van het transportbedrijf was mijn neef, getrouwd met Lien. Ik ben in 1945 direct na de oorlog met mijn ouders op familie bezoek geweest. We hadden ook nog familie in de Bataviastraat wonen. (W) Daar woonde z'n broer Willem die door een motorongeluk zijn been heeft verloren. De vader van Oene was Pier die een paardenstal had, mijn vader, Bauke, reed destijds op de postkoets die naar mijn mening eigendom was van deze Pier. Direct na de oorlog zijn Oene en Lien met met hun beide dochters, Loes en Ellie, bij ons thuis geweest met hun auto in Hoogkerk (bij Groningen). Zelf ben ik inmiddels al 71 jaar, maar heb helaas de familie uit het oog verloren. Wie mij meer kan vertellen en wil uiteraard, kan contact met me opnemen.: oene_jannie@wanadoo.nl
Mijn dank alvast, Oene Bijstra, Roden (Dr.)

Een bezoeker

Wim de Rijk

Ik woonde met mijn ouders en broer en zuster in de Simon Stevinstraat op nr. 13. Ik kwam er in 1945 te wonen eerst op 1-hoog, want mijn oom had een stoffeerderij op zolder en woonde op 2-hoog. Later toen mijn tante was overleden, zijn we naar 2 hoog verhuisd. Ik heb er een heel fijne jeugd gehad en kan mij nog veel dingen herinneren. Bijstra had eerst inderdaad een stalling voor paarden en er stonden toen ook nog varkens, ik kan me nog goed voor de geest halen dat er één een keer was losgebroken en opa (ik ben zijn naam kwijt) die woonde op twee hoog naast Bijstra, er achteraan de hele straat door. De Ringdijkgarage was vroeger een stalling voor circus en kermiswagens in de winter en ongeveer in 1950 is het een garage geworden. Ik zat op de W. van Oudshoornschool en daar achter had je Klein Dantzig. Alle straten liepen dood op Klein Dantzig. Mijn vader heeft kort na de oorlog nog een tijdje bij Lagerwaard de smid gewerkt. Jan Vreedenrugh ken ik ook, jij had toch ook een zuster die Beppie heette? Heb er gewoond van 1945 t/m 1968. Wiesje Bogers ken ik ook, ze had volgens mij ook nog een zuster. Ik kwam daar wel thuis en ook in de wasserij, s' was het er lekker warm. Ik stop even met schrijven, wie wil reageren mijn e-mailadres is: w.derijk@quicknet.nl

Visitor

R. van der Sluis

Transportbedrijf, was dat Oene Bijstra? Dan is dat familie van ons. Ze kwamen van oorsprong uit Friesland, en hij was waarschijnlijk een broer van mijn grootvader. Als dat zo is, dan weet ik nu de namen van de kinderen ook. Klopt dit? sluis.beheer@home.nl

Visitor

Jan van Dalen

Beste Jan Vreedenburgh, Bedankt voor je reactie op mijn verhaal. Mijn herinneringen betreffen de periode 1940-1955. Daarom ken ik waarschijnlijk Bijstra niet als transportbedrijf, maar als stalling voor paarden en wagens van de groentenboer, de schillenboer enz. Ik vond het altijd leuk om daar naar de paarden te gaan kijken. Ik woonde overigens niet in de Cornelis Drebbelstraat, maar in de Willem Beukelsstraat, recht tegenover de Wakkerstraat en ken daarom ook de jongens van Versteeg niet. Leuk om te lezen dat je Ap Busman nog wel eens tegenkomt. Hij was in de winkel altijd de "vrolijke Frans". Je schreef dat je zelf ook eens je belevenissen in de Watergraafsmeer in wil sturen. Ik zou zeggen "doen"! Een groet van Jan van Dalen

Visitor

Jan C. Vreedenburgh

Beste Jan, ik heet ook Jan en ben van de Van Wouwstraat naar naar de Simonstevinstraat verhuisd .Ik heb altijd met mijn vader en moeder op nummer 14 gewoond en tot mijn 24e jaar woonde ik naast de Ringdijk garage, boven de benzine pomp en een schilders bedrijf en een stukje verderop had je transportbedrijf Bijsta. De eigenaar, meneer Bijstra zei altijd tegen mijn moeder "Geef je zoon maar aan mij." Hij had namelijk twee dochters, Loes en Ellie. Loes kwam altijd bij ons thuis en omdat ik nog zo klein was deden die twee meiden ons in bad. Elsje Koster was daar ook altijd bij, met Lia en Wiesje Boogers. Haar vader had een wasserij en dat was naast ons en op de hoek had je de Koningin Wilhelminaschool. Als ik de sleutel vergeten was, dan klom ik over het hek (wat tevens de fietsestalling was van de school) en dan via de kolenbakken het dak op en dan over het dak van de school naar mijn huis, via de goot naar het dakraam van mijn slaapkamer. Maar zoals ik begreep, woonde jij in de Cornelis Drebbelstraat. Misschien ken je ook de jongens van Versteeg, Tinus en Rinus en de kachelsmit op de hoek van de C. Drebbelstraat en de Simonstevinstraat tegenover de school. En naast de melkboer op de hoek van de C. Drebbelstraaten de Simon Stevinstraat was een oude man die altijd in de maling werd genomen met luilak. Naast de groentewinkel Busman .Voor mij was het altijd ome Ab. Ik heb nog een tijd je bij hem gewerkt na schooltijd. Nu woon ik in Dordrecht en wie denk je dat ik daar tegenkom? Ome Ab Busman! Een zuster van zijn vrouw woon in Dordrecht en daar komen ze regelmatig op bezoek. Zo zie je maar weer, de wereld is klein. Ik zal zelf eens mijn belevenissen in de Watergraafsmeer insturen. Tot horens.

Visitor

Jan van Dalen

Kees Zijp: Bedankt voor de reactie. Door omstandigheden heeft het lang geduurd voordat ik de reacties kon lezen. Wil graag met je in contact komen. Wend je voor mijn emailadres tot de web-redacteur geheugenvanoost@xina.nl . Groet van Jan

Visitor

Gerard Busselman

Hallo Jan, wat een mooi verhaal over je grootvader! En wat roept het veel bij me wakker! Zoveel, dat ik haast niet weet waar ik moet beginnen.
Nou, eerst maar Busman, de groenteboer (inderdaad, de groenteman heette toen nog groenteboer). Daar ben ik ontelbare keren geweest, aanvankelijk aan de hand van mijn moeder, later ook alleen. In de zaak de oude Busman en - in ieder geval - zoon Ap, maar ik meen dat er ook nog een andere zoon bijsprong en heel vaag staat mij ook nog iets bij van een dochter. Zoon Ap, altijd vrolijk, lag - zoals ik constateerde toen ik wat ouder werd - zeer goed bij de dames, wat de omzet beslist ten goede kwam.
Schuin tegenover Busman twee schoenmakers, merkwaardig natuurlijk, op zo'n klein stukje straat; één, waarvan ik de naam niet meer weet, op de hoek van de Simon Stevin, de andere, waarvan wij klant waren, heette Casteleijn en verkocht ook aquariumvissen. En een merkwaardig spul dat "tubifix" heette. Ik zie de man nog zitten, achter zijn raam, links van de winkel, op bewonderenswaardige wijze weer iets fatsoenlijks makend van de, niet zelden afgetrapte, schoenen. Op vrijdagavond bracht hij altijd persoonlijk, in stofjas, de gerepareerde schoenen rond. Ging het om meerdere paren, dan kwam dat financieel niet altijd even gelegen. Ik zal maar niet herhalen wat mijn vader dan zei, als ik opendeed en meldde: "Pap, daar is mijnheer Casteleijn".
Ik zou je eigenlijk moeten kennen, Jan, want ik woonde ook in de Willem Beukelsstraat. Op nummer 4-huis, vanaf mijn geboorte in 1933 tot 1960, waarvan de laatste ruim drie jaar gehuwd/inwonend bij mijn ouders. 4-huis is op de foto bij jouw artikel de vierde deur van rechts. Op 2-huis, de eerste deur van rechts, woonde de familie Stam. Op 2-boven en 4-boven woonden Joodse families, respectievelijk Bloemendal en Hartog, die in de oorlog werden gedeporteerd en vermoord. In hun huizen kwamen later de families Lookman en Tjujerman.
Maar ik beken het maar eerlijk: ik kan me jou niet voor de geest halen. Dat komt waarschijnlijk ook omdat we niet naar dezelfde school gingen, want je had in die jaren toch wel een duidelijke scheiding der geesten: als kinderen van de (openbare) Willem van Outshoornschool hadden we niet veel op met die van de (christelijke) Koningin Wilhelminaschool. En zo ken ik jou niet, maar Jan en Tom Claus, waar jij boven woonde en die bij mij op school zaten, weer wél. En bijvoorbeeld Piet Voortallen, die tegenover jou woonde, wel, maar de jongens boven hem (ik meen dat ze Wolf heetten, of van der Wolf) weer niet. Wist je trouwens dat Tom Claus er nog steeds woont?!
Jan, ik ga stoppen, het zal niet de bedoeling zijn, dat een reactie op een verhaal langer is dan het verhaal zelf. Dan kan ik maar beter zelf eens wat insturen, wat ik binnenkort beslist ga doen. Het ga je goed! Gerard Busselman

Visitor

Kees Zijp

Beste Jan, erg leuk jouw verhaal over de Corn. Drebbelstraat en omgeving. Op de advertentie van de Koningin Wilhelminaschool lees ik ook de naam W. Carton als secretaris. Overigens heeft heel mijn familie ook op deze school gezeten. Mijn opa was zelfs nog conciërge. Wil Carton is ook verbonden geweest van de CSV DE GEUZEN en met zijn zoon Remy heb ik nog honkbal gespeeld bij die roemruchte club uit de Watergraafsmeer. Hoofd der school was in mijn tijd ook meester Meinarends, tijdens een reunie in 1982 was hij nog aanwezig. Andere leerkrachten waren Meester Spaans, die heel mooi kon vertellen, van der Louw, van Muiden. Jufffrouw Happel die een heel grote blokfluit had en later met meester Groenewoud trouwde in de Rehobotkerk. Mijn opa had ook nog een transportbedrijfje dat DE ONDERNEMING heette en in de Corn. Drebbelstraat zat, ongeveer in 1920. Verder herinner ik mij nog de melkwinkel Voorland op de hoek, een timmerman en op de hoek bij de Ringdijk een verfwinkel. De garage van Citroën waar ik de eerste DS (Snoek) zag en de vrachtwagens van de fam. Saan. Je ziet, zo heeft iedereen zijn/haar eigen herinneringen cq. geheugen van Oost. Kees Zijp