Sjabbat, 19 juni 1943

Verteller: Open Joodse Huizen (2012). F. Richard
Auteur: Frits Slicht Frits Slicht

Bron: Mirjam Bolle: Ik zal je beschrijven hoe een dag er hier uitziet. Dagboekbrieven uit Amsterdam, Westerbork en Bergen-Belsen.

Boekomslag. Mirjam Bolle, ‘Ik zal je beschrijven hoe een dag er hier uitziet’, Uitgeverij Contact, 2005, ISBN 90-254-2693-X (Centrum voor Holocaust en Genocidestudies).

Boekomslag. Mirjam Bolle, ‘Ik zal je beschrijven hoe een dag er hier uitziet’, Uitgeverij Contact, 2005, ISBN 90-254-2693-X (Centrum voor Holocaust en Genocidestudies).

Alle rechten voorbehouden

Indeling!

Deel 1 – Lees ook Deel 2, Deel 3

Op zoek naar een woning.

Mirjam Bolle is werkzaam bij de Joodse Raad. In de mei en juni van 1943 is zij op zoek naar een woning. Een woning aan het Afrikanerplein wijst zij af: ‘Een krot! Hokjes van kamers.’ Er waren in de buurt wel veel meer woningen die ‘vrij waren’, maar deze konden niet worden toegewezen als ze nog niet waren ‘gepulsd’. Zij vindt deze uiteindelijk een woning in de Pretoriusstraat, vlakbij de Linnaeusstraat. Deze kreeg ze via ‘een relatie’, die had de woning expres laten pulsen. Zij is erg gelukkig met haar woning, minpuntje: geen badkamer.

Op zaterdag 19 juni, op sjabbat, heeft zij de woning geheel en al in orde. Alles is klaar, de gordijnen zijn opgehangen, het zeil gewreven, alles ‘was puik in orde’. De woning moet klaar zijn als haar moeder uit het ziekenhuis (het Nederlands Israëlitisch Ziekenhuis) komt. Zij krijgt veel hulp van vrienden en kennissen. Ze nodigt veel mensen uit om het huis ‘in te wijden’. Ze heeft voor de gelegenheid: ‘zalige borstplaat laten maken, clandestien boter gekocht (goedkoop, tien gulden per half pond) en echte koekjes gebakken en nog een koek, echte boterkoek, clandestien gekocht’. Zij spreekt over deze ‘jour’ als een zeer geslaagde dag. De dag wordt afgesloten met een etentje bij Dunner (Den Texstraat).
Als ze om tien uur thuiskomt vermoedt ze niet dat het voorlopig haar laatste nacht in Amsterdam is. Zij slaapt slecht die nacht, maar toen zij in bed kroop dacht ze nog: ‘Heerlijk zacht en warm’.

Getoeter

Heel vroeg in de ochtend van 20 juni 1943 hoort Mirjam een luid getoeter van een luispreker. Zij kan haar oren niet geloven, het is immers zondag. Zij had na allerlei geruststellende berichten op het kantoor (van de Joodse Raad) niet kunnen bedenken dat deze razzia zou plaatsvinden. Haar werk is dan geen redmiddel meer.

Alle rechten voorbehouden

1519 keer bekeken

Geen reacties

Voeg je reactie toe