Laatste slagerij bij vroegere Abattoir

Wij zijn eigenlijk een uitstervend ras

Verteller: Ton Bartels
Auteur: Fleur Lis

Slagerij Bartels in de Niasstraat 5, de laatste slagerij bij het vroegere abattoir in Oost. Dit is een van de verhalen die eerder gepubliceerd zijn op de website "Buurtwinkels" van het Amsterdam Museum. De verhalen die in Oost spelen zullen vanaf 2019 overgeplaatst gaan worden naar het Geheugen van Oost vanwege sluiting van de oorspronkelijke website. Dit is een verhaal uit 2015

SLAGERIJ BARTELS, NIASSTRAAT 5, AMSTERDAM-OOST

SLAGERIJ BARTELS, NIASSTRAAT 5, AMSTERDAM-OOST

Het gaat hem duidelijk aan ’t hart. Ton Bartels (1950) ziet de strijd van kleine ondernemers tegen het grootwinkelbedrijf als verloren.

Slagerij Bartels is nog de enige overgebleven slagerij in de buurt van het vroegere abattoir in Oost. In de Niasstraat, een zijstraat van de Molukkenstraat in Amsterdam-Oost, op nummer 5, heeft altijd een slager gezeten. Van 1924 tot 1938 slager Hinke, daarna Bartels senior en vanaf 1980 zijn zoon Ton. Eerst was hij een van de vele slagers dichtbij de veemarkt en het slachthuis. Maar dat veranderde toen het abattoir in 1984 werd gesloten. Er veranderde meer. Bartels: “Vroeger zaten er om de hoek lagere scholen. Toen verkochten we wel 100 tot 150 kroketten tussen de middag, aan de moeders. Er stonden lange rijen voor de deur. We hebben een periode gehad van alleen maar buitenlanders, vanaf 1985. Nu is het publiek weer aan het veranderen, omdat appartementen verkocht worden.”

Ook het koopgedrag is veranderd. “Mensen nemen geen kilo vlees meer, maar één of twee karbonaadjes en kant-en-klaarmaaltijden.” Daar speelt Bartels op in. Naast de favoriete, rijk gevarieerde en zelf gebraden vleeswaren, verkoopt hij: ‘gewoon’ goed vlees, kant-en-klaarmaaltijden zoals lof of andijvie met aardappelen, bami en ’s winters stamppotten.
Verder verzorgt hij bedrijfslunches compleet met melk en fruit en verkoopt hij veel belegde broodjes. “Ook met hagelslag en pindakaas”, roept Tineke, een van de twee dames achter de toonbank. De rollen zijn hier duidelijk gescheiden. De dames helpen de klanten. En: “Ton is de vrolijke noot achter het blok”, zegt Tineke. De sfeer is gemoedelijk. “Klanten komen voor extra aandacht; het ‘volkse’ heb je hier nog, een praatje, lachen...; je deelt de goede en de slechte dingen.”

Bartels: “ik blijf hier nog effe. Ik heb eerdaags m’n AOW, maar de zaak gaat door.”

 

 
Alle rechten voorbehouden

285 keer bekeken

3 reacties

Voeg je reactie toe
Henk Penseel

Slagerij Bark hield lang stand

Ik dacht dat op nummer 47 in de Molukkenstraat, tussen de snoepwinkel van Köhler en dat ouderwetse fourniturewinkeltje nog een slager lang stand hield: Bark. De slagerij werd overgenomen door zijn zoon. En weer later kwam er een islamitische slager. Die zoon verhuisde (met winkel) naar zuid. Het leek mij dat de familie Bark een beetje de uitstraling had dat ze wat deftiger waren dan de buurt. De slagerij in de Van Baerlestraat 120 is inmiddels veranderd in Seafood restaurant brasserie Bark.

Gabriël

Toon Bartels

Ik heb Ton jr niet zo meegemaakt. Maar wel zijn vader Toon Bartels. Omdat de slagerij vlak bij was, scharrelde  "ome" Toon veel op het abattoir, kocht altijd zijn eigen vlees bij verschillende rundergrossiers. Het was net als zovele slagers een uitje. Maar tijden veranderde , zoals verhuizing naar de Food Center , Jan van Galenstraat. Ook daar geen eeuwig leven . Afgebroken abattoir met aanliggende vleesgroothandels. Sinds die tijd is er geen abattoir meer in Amsterdam. 

 

Anneke Koehof

Laatste slagerij bij vroegere Abattoir.

Beste Ton,

Misschien hebben we elkaar niet echt gekend, we woonden schuin tegenover elkaar in de Baweanstraat. Ik was van 1943 en jij van 1950 en spelen was toen nog erg gebonden aan waar je woonde in de straat en bij welke kerk je hoorde, want dan zat je meestal ook bij elkaar op school. Zo ging dat toen.

Maar jullie gezin kan ik me nog heel goed herinneren en ook je ouders. Ik had nog een oudere broer, Johnny en een jongere, Rens, die was van 1947.

Mijn vader, die elektricien was, heeft veel bij jullie 'geklust'.  Zowel thuis, als in de winkel in de Niasstraat. Daar heeft hij de gehele elektrische bedrading aangelegd, dat was uiteraard nog voor je vader na de oorlog en dat ging in die tijd met meters en meters van die witte pijp, waardoor de bedrading liep. Misschien zit het er nog wel.

En reken maar dat je vader aan de goede kant stond in de oorlog, want anders zou mijn vader nooit voor hem hebben willen werken! 

In die tijd is er in ons gezin wel een en ander gebeurd, mijn moeder overleed t.g.v. mijn geboorte, mijn vader zat in een straf werkkamp, dat hebben jouw ouders zeker meegekregen! Wij woonden op nr. 5 huis. Ik weet dat je vader in die tijd veel goed deed.

Het was een heel gezellige straat met veel spelende kinderen en 's avonds speelden de jongens slagbal met rondjes. 

Je bent inmiddels de pensioengerechtigde leeftijd al ruim gepasseerd, ik hoop dat het je goed gaat!

 

Hartelijke groeten,

Anneke Koehof