Het overlijden van mijn moeder

Verteller: Flora Koe Melkman Flora Koe-Melkman
Auteur: Frits Slicht Frits Slicht
Transvaalbuurt, Laing's Nekstraat 23 I, Amsterdam

Vader kreeg toen een ontzettende huilbui, ik zat bij hem op schoot. Ik had nog nooit zoiets meegemaakt.

Beeld van de Retiefstraat, hoek Laing's Nekstraat Joods Historisch Museum, Amsterdam, uit de collectie Jaap van Velzen. Foto uit de jaren twintig, dertig. Afgebeeld is de Retiefstraat, hoek Laing's Nekstraat. Bron: Joods Historisch Museum, Amsterdam, uit de collectie Jaap van Velzen.

Beeld van de Retiefstraat, hoek Laing's Nekstraat Joods Historisch Museum, Amsterdam, uit de collectie Jaap van Velzen. Foto uit de jaren twintig, dertig. Afgebeeld is de Retiefstraat, hoek Laing's Nekstraat. Bron: Joods Historisch Museum, Amsterdam, uit de collectie Jaap van Velzen. Door: Frits Slicht

Alle rechten voorbehouden

Armoede hebben we bij ons thuis niet echt gekend. Mijn vader, Mozes Melkman, had het geluk dat hij dertig jaar bij dezelfde baas heeft gewerkt. Hij was als metaalbewerker in dienst bij de familie Hamburger (op de hoek Keizersgracht – Weesperstraat). Toen hij dertig jaar in dienst was, kwam hij met een foto in de krant, daar was hij best trots mee. Die foto stond in een lijstje op het dressoir.
Overigens stond hij op goede voet met mijnheer Hamburger. Zo goed zelfs, dat ik wel met zijn kinderen (hij had twee zoons en een dochter) mee mocht naar hun huis in Zandvoort. Zeker toen mijn moeder, Rebecca Sarlui, kwam te overlijden, ik was toen bijna elf jaar. Ik mocht toen zelfs een maand mee met Eddy (de dochter). Ik vond het wel wat duur allemaal, kip met een wildschaar en dan al die dienstmeisjes.

Mijn moeder overleed als gevolg van een galoperatie. Zij had al langer last van galstenen, ze had altijd veel pijn. Op het laatst lag zij in het Joodse Ziekenhuis op de Keizersgracht. Mijn moeder overleed omdat zij er trombose bij kreeg.
Zij werd begraven bij Diemen, ik mocht niet mee, mijn vader vond mij nog te jong. Na de begrafenis kwam iedereen bij ons thuis, sjiwwe zitten (dat is de Joodse Rouwperiode). De buurvrouwen kwamen met broodjes en andere dingen zodat je zelf niets hoefde klaar te maken. Vader kreeg toen een ontzettende huilbui, ik zat bij hem op schoot. Ik had nog nooit zoiets meegemaakt.
Mijn vader was toen 39, mijn moeder was iets ouder. Er kwamen aldoor mensen om je af te leiden, om je bezig te houden. Buren, vrienden maar ook familie kwamen langs.

Alle rechten voorbehouden

1795 keer bekeken

2 reacties

Voeg je reactie toe
maria welling

Re: peter j. muller

peter j. muller:
prachtig en ontroerend verhaal.

tekort daarom is het meer

peter j. muller

peter j. muller

prachtig en ontroerend verhaal.