Keuring voor het onderduikadres

Auteur: Frits Slicht Frits Slicht
1 Fan
, Transvaalbuurt, Tugelaweg

We komen langs om kennis te maken als mijn vrouw het goed vindt dat jullie bij ons onderduiken.

De familie Verdooner, kort voor het onderduiken. De foto is gemaak in de huiskamer van de familie Verdooner (Tugelaweg 70) in 1943, kort voordat zij moesten (konden) onderduiken. De foto is afkomstig uit het foto archief van David Verdooner.

De familie Verdooner, kort voor het onderduiken. De foto is gemaak in de huiskamer van de familie Verdooner (Tugelaweg 70) in 1943, kort voordat zij moesten (konden) onderduiken. De foto is afkomstig uit het foto archief van David Verdooner. Door: Frits Slicht

Alle rechten voorbehouden

1943 is een somber jaar geworden voor de Joodse bevolking van de Transvaalbuurt. Na dat jaar woonden er nauwelijks nog Joden. De meeste Joodse bewoners waren weggevoerd naar de concentratiekampen en daar vermoord. Slechts een enkeling kon onderduiken.

Tot die kleine groep van onderduikers behoorde ons gezin. Dankzij Ome Herman Elzinga, straatagent in de Transvaalbuurt, vonden wij een onderduikadres. Ome Herman woonde samen met zijn vrouw in Betondorp in een niet al te grote woning aan Onderlangs 70. Hij bood ons een veilige plek aan. Hij moest het wel eerst aan zijn vrouw voorleggen. Want zo zei hij: “Mijn vrouw zit wel de hele dag met jullie opgescheept. Als mijn vrouw het goed vindt dat jullie bij ons onderduiken, dan komen we zaterdag of zondag langs om kennis te maken".

Dat was op maandag dus je kunt het je voorstellen dat mijn ouders zeven kleuren stront scheten. Want als je zit te wachten, duren vijf dagen wel erg lang. Zo werd ons gezin dus ‘gekeurd’ door Tante Jo. Dat is gelukkig allemaal goed gekomen.

Kort voor het zover was, werd mijn moeder echter plotseling opgepakt. Ze was buiten spertijd op straat, ze wilde even naar een buurvrouw die hulp nodig had. Ze was net buiten de deur toen er een NSB’er voor haar stond. Ze werd opgepakt en afgevoerd naar het hoofdkantoor van de SD aan de Euterpestraat (nu: Gerrit van der Veenstraat). Gelukkig voor haar en voor ons stond ze, na 2 of 3 dagen, in de goede rij. Ze mocht naar huis. Maar vanwege de zenuwen en de ischias kon ze niet meer lopen. Mijn vader is haar toen op een transportfiets gaan halen.

Mijn vader is kort daarna bij Ome Herman langs gegaan, en we zijn ondergedoken.

Alle rechten voorbehouden

5190 keer bekeken

6 reacties

Voeg je reactie toe
Harrie Rieff

Re: Re: Brief gevonden bij de papieren van mijn schoonvader

Brieffie:
Ooit vond ik een papiertje
Dat stak uit een klein kiertje
Onder de deur van de slaapkamer
Toen ik het las viel prompt de hamer:
Voor wie dit leest luidt nu de bel,
Stem vlot even op www.geschiedenisonlineprijs.nl

Dit bericht hoort helemaal niet hier thuis en al helemaal niet onder dit hoofdstuk

Brieffie

Re: Brief gevonden bij de papieren van mijn schoonvader

Ooit vond ik een papiertje
Dat stak uit een klein kiertje
Onder de deur van de slaapkamer
Toen ik het las viel prompt de hamer:
Voor wie dit leest luidt nu de bel,
Stem vlot even op www.geschiedenisonlineprijs.nl

Harrie Rieff

Brief gevonden bij de papieren van mijn schoonvader

Beste Jo en Herman Elzinga.

Jullie zult bij jezelf wel zeggen,nu jul1ie weten dat deze brief van ons komt, dat er weer_een vers of gedicht in vermeld staat,doch dan hebben jullie het glad mis. Dit keer wil ik jullie eenige dingen schrijven,welke wij tot nog toe niet in herinnering aan jullie brachten,e.w;

Zoo het meestal gaat op oudejaarsavond,worden in ieder gezin de ge-beurtenissen van het afgelopen jaar in herinnering gebracht en ter tafel bespro-ken. Vaak gebeurd dit met een lach en ook in vele gevallen,met een traan.

Wanneer ik dit zelfde zou willen doen(en dit doe ik dan ook) moet ik beginnen vanaf 26 Mei 1943 toen wij,volgens onze afspraak van April van dit zelfde jaar,jullie huis kwamen bezetten om er 2 jaar later weer uit te trekken.

Ieder bezetting heeft zijn benauwenissen en belevenissen. De eerste maanden vlogen voor ons om en wij waren vol goeden moed zoo te kunnen volhouden tot het laatste moment. Toen in het laats van 1943 de invasie van Italië een feit was geworden stonden wij(met jullie) allen te dansen van blijdschap,maar kort daarop kwam de domper en ons aller teleurstelling was groot. Hoewel aan jullie beiden uiteraard weinig was te merken,voelden wij des te meer,dat de teleurstelling bij jullie ook groot was en aangezien jullie niets uiterlijk lieten blijken was het des te harder te dragen voor jullie. In de daarop volgende maanden kenden wij vele up en downs in de oorlogstoestand,welke hun hoogtepunt vond,met de invasie van 6 Juni 1944.Weet jullie nog,dat ik de poeperij had van de zenuwen, en dat wij ieder volle maan afwachtten om de inval in ons land tegemoet te zien? Ook hier kwam een periode na van veranderde stemming,met een blijde gebeurtenis in jullie gezin. Weer dachten wij dat het huis voor ons nu wel te klein zou zijn en dat wij,begrijpelijkerwijze,ruim baan moesten maken voor de komst van Willy. Maar toen wij daarover met jullie beiden, en ook beiden afzonderlijk eens spraken, stelden jullie ons gerust met de woorden$"Waar plaats is voor 6,is er ook plaats voor zeven".Hoe groot dit voor jullie was,de eerste maanden na de geboorte van Willy jullie te moeten behelpen met 1 slaapkamer,beseffen wij nu pas goed.

En dan denken wij aan de vele visite welke graag de kamer van Willy hadden willen zien en dat de bullen nu op de kast,in de kast,hier wat en daar wat geborgen lagen. Aan de omstandigheden begonnen wij alweer gewend te raken en hielden de dagelijksche nieuwsberichten bij en spraken elkaar ie optimistische gebeurtenissen goeden moed in. Na Parijs,Brussel,Antwerpen en tenslotte Nijmegen deed ons de schoenenpoetsen, na een vreugdevolle mededeling van je broer Han,toen hij kwam vertellen,dat de Engelschen reeds in Lisse waren. Maar ••••••••••• toen begon pas goed de downstemming en iedere dag begon in mineur. Als ik de wasch stond te draaien,dacht ik vaak bij mij zelf:"Ben ik het wel" Iedere slag die ik met de slinger deed was een nagel aan mijn doodkist. leder dag dat Jetje op stond zei zij: ”Lag ik al maar weer in mijn bed!” Dave en Appie hun stemming,ruziemaken onderling,knokpartijen en pakken slaag waren dagelijks aan de orde van den dag. Het was ons allen vaak om het even, zoo te leven of je van kant te maken. Ook jullie zagen dit vaak maar lieten niets merken. Tenslotte kwam een niewe het gezelschap vermeerderen, n.l. Gerhard. De jongens zingen nu nog ieder dag de liedjes die hij zong en speelde en hun hebben veel aan zijn gezelligheid gehad,en dit bracht hen af en toe van hun stilte af. Ook daarvoor zijn wij erg dankbaar. De levensmiddelen begonnen bij ons op te geraken en Herman zette dan ook alle zeilen bij om de voorraden op peil te houden,wat hem veel moeite kostte en vuile uniformen. Het was

2.

voor mij dan ook zaak (hoe gevaarlijk het ook was) jullie voor te stellen ,dat

ik,gebruikmakende van mijn relaties hier en daar,Herman met deze werkzaamheden K~ een handje te helpen om ook boodschappen te gaan doen. Zoo konden wij het tenslotte volhouden tot de dag der bevrijding.

Vaak denken wij nog aan verschillende situaties$ o.a.

Als Klaasje 4 a 5 keer per dag kwam binnen stappen en wij meestal aan tafel zaten,: ”Weg,Weg!! was het commando. Tante Rie,niet te vergeten.

Vader en moeder,moeder Jopie. de Bakker,de Slager,Boordman,Brinkers,Joop,Gerrit, Zuster die of broer zoo. Steeds maar weg hollen. Een keer op een avond de politie om 12 uur,weten jullie nog?dan de aankondiging van razzia's, schuilplaats uitbreken met de noodige angst voor de huisbaas. Nu zit je er om te lachen maar toen ....
Zoo zou ik wel door kunnen gaan maar ik begin aan wat anders.
Jo en Herman!
Dit is het eerste oudejaar,dat wij weer in onze eigen om-geving zijn en wij denken dan terug zooals wij 2 jaar bij jullie zaten.

Toen waren wij: ”Vrijwillige gevangenen" nu echter
”VRIJE MENSCHEN”

Nog nimmer is onze aller dank zoo groot geweest voor datgene wat jullie voor ons geweest zijt en gedaan hebt. Hoewel wij heel veel missen op deze avond, denk maar aan de 38 familieleden die weggehaald zijn) zijn wij blij dit jaar
tot een goed einde gebracht te hebben,maar dit had nooit mogelijk geweest als jullie daartoe niet hadden geholpen.

Wij zijn en blijven jullie voor altijd dankbaar. Nooit zullen wij dit
vergeten
Wij wenschen jullie dan ook een zeer voorspoedig en gelukkig

1946.

Jetje
Meijer
Appie
Dave.
Verdooner.

31 December 1945

jopie vos

leuke herinneringen

hallo appie,
ik heb pas gisteren de "geheugen van oost"
bekeken.
Ja, dat is heel veel jaren geleden dat je broer Dave en ik dikke vrienden waren en ook wel eens op zondag in de bakkerij op de tugalaweg een beetje mee werkten.
om niet tevergeten de bolussen uit de vormen te halen.
ik hoop dat je nog weet wie ik ben, sinds 1954 woon ik in Denemarken
ik heb ook gelezen dat dave voor 2 jaar geleden is overleden.

A.Verdooner

reac.adres

Ja Harrie.Er staan nog wel meer laten we zeggen niet juiste
dingen bij.Of zijn het misschien met medeweten van de
schrijver VERGISSINGEN.De persoon die het echt kan vertellen ben ik,want ik was er bij.Ik heb die tijd niets vergeten om de eenvoudige reden dat het niet te vergeten was ne nog is,\.

appie.

Schoonzoon van Herman Elzinga

Onjuist adres

Het huisnummer van Onderlangs is niet 70, maar moet 85 zijn.