Mijn vroege jeugd in de Oosterparkbuurt

Haar geliefde pop werd 'gedoopt' met monden vol water...

Frenie (1933) bracht haar vroegste jeugd door in de Oosterparkstraat 144. Ze had daar een vriendinnetje van twaalf jaar, ANSJE BOEKHORST. Door familieomstandigheden verhuisden zij en haar broertje naar een ander deel van Nederland.

Muziektent Oosterpark B00000022858 (1).jpg Beeldbank Stadsarchief Amsterdam

Muziektent Oosterpark B00000022858 (1).jpg Beeldbank Stadsarchief Amsterdam

 

Mijn vroege jeugd in de Oosterparkbuurt.

Mijn naam is Ferena, maar ik word Frenie genoemd. Ik ben geboren in 1933 en woonde in de 2e Oosterparkstraat 144, waar mijn vroegste herinneringen beginnen.

Toen ik zeven jaar oud was, in het eerste jaar van de oorlog, had ik een vriendinnetje van twaalf jaar, Ansje Boekhorst, ze woonde een paar huizen verderop. Met haar mochten mijn broertje en ik van mijn moeder naar het Oosterpark.

Vanuit ons huis kwamen we eerst langs bakker Hiep, waar het heerlijk naar vers gebakken brood rook. Daarnaast was de winkel van de melkboer, met de hondenkar voor de deur en in de etalage een grote stolp met eieren.

We liepen via de Beukenweg, met op de hoek slagerij de Neus. Ik denk dat dit een bijnaam was, want hij had een flinke rode neus.

Op de hoek van de 1e Oosterparkstraat was een slijterij, later werd dat een café, waar mijn vader, nog weer later, stamgast was. Daarna staken we over.

We moesten oppassen voor lijn 3 die daar, met een rode brievenbus achterop, behoorlijk hard langs het Oosterpark reed. We konden zo de ingang van het park inlopen, waar een fonteintje stond.

Ik ben er ook wel eens geweest met een ander vriendinnetje en met mijn slaappop: oogjes open, oogjes dicht. Zo'n pop was toen een heel bezit en ik was er dol op! Toen we naar huis terug gingen stonden bij het fonteintje twee grote jongens van minstens tien jaar, die mijn pop 'gedoopt' hebben met monden vol water, arme pop! Huilend van verdriet kwam ik thuis.

Links van de ingang was een schuilkelder, een houten gebouwtje met binnen lange banken en aarde op het dak. We moesten daar van onze moeder in als de sirenes gingen en dat is ook wel eens gebeurd. Ook marcheerden er door het park en over het grote grasveld Duitse soldaten. Ze zongen mooie liederen, althans, dat vonden wij toen mooi en wij liepen handje in handje met ze mee. Ze waren gelegerd in het Koloniaal Instituut zoals het huidige Tropenmuseum toen heette. Ach wat wisten wij kinderen nu helemaal? Het klonk ons letterlijk als muziek in de oren maar onze ouders waren er niet blij mee en het werd ons streng verboden dat nog een keer te doen.

We waren ook lid van de speeltuinvereniging en in de zomervakantie mochten we op het grote grasveld spelen. Maar dan wel met Ansje Boekhorst, zij paste goed op mijn broertje en mij.

Rond 1940 zat ik op de Linnaeusschool in de 2e Oosterparkstraat. Omdat ik tussen de middag naar huis ging mocht ik daar niet naar de wc, wat ik maar raar vond.

Kort daarna zijn mijn broertje en ik door droevige omstandigheden naar een ander deel van Nederland verhuisd, maar mijn eerste herinneringen aan de Oosterparkbuurt ben ik nooit vergeten.

1933-1940

 

 

 

 

Vlaardingen, oktober 2020

 

 

 

 

 

 

Alle rechten voorbehouden

142 keer bekeken

Bekijk meer afbeeldingen

Frenie met haar broertje Henk in het Oosterpark ongeveer in 1940, eigen foto

Frenie met haar broertje Henk in het Oosterpark ongeveer in 1940, eigen foto

Frenie, broertje Henk en buurmeisje Ansje  ongeveer 1937, eigen foto

Frenie, broertje Henk en buurmeisje Ansje ongeveer 1937, eigen foto

Geen reacties

Voeg je reactie toe