Filoktitis

Een vrachtschip als buur.

Verteller: Norbert Wiechmann
Sumatrakade

Het Java eiland is dichtbevolkt, ik heb dus heel veel buren. Er zijn buren die ik mij altijd zal blijven herinneren.

Gezicht vanaf het eindpunt van lijn 52 op de Filoktitis

Gezicht vanaf het eindpunt van lijn 52 op de Filoktitis

“Wat een roestbak” dacht ik toen ik mijn woning in het najaar van 1999 op Java eiland ging bezichtigen. Dat sloeg natuurlijk niet op de woning maar op het grote schip wat in het IJ was aangemeerd. Dat was de Filoktitis, een vrachtschip wat aan de ketting lag.

Filoktitis

Filoktitis

Na mijn verhuizing naar Java eiland werd het schip en de bezigheden rondom al snel een vertrouwd gezicht. Het grote schip, onaangedaan door golven en wind. 's Nachts een donkere schaduw met een enkel lichtje. Toentertijd was dit stukje IJ minder druk met schepen en boeien.

Tijdens het opknappen van de woning hield de Filoktitis mij gezelschap

Tijdens het opknappen van de woning hield de Filoktitis mij gezelschap

De bemanning moest aan boord blijven, alleen onder begeleiding mochten ze naar de vaste wal. Dat gebeurde een enkele keer. Veel vaker kwam er een bootje langs, om proviand en post voor de bemanning te brengen. De bemanning doodde de tijd met met onderhoud. Als het mooi weer was, waren ze bezig stukjes van de romp aan het schilderen. Kleine mannetjes in de verte, in de weer met kwast, lekker in het zonnetje.

Af en toe zwaaide ik, het leek me namelijk geen pretje om vast te zitten op dat schip. Of ze me gezien hadden weet ik niet. Maar gelukkig ook voor de bemanning was er altijd wat te beleven op het IJ.

Twee verschillende werelden, vanuit mijn raam.

Twee verschillende werelden, vanuit mijn raam.

Op een dag , het was voorjaar 2000, was het echter anders. Er kwam rook uit de schoorsteen en een diepe brom golfde over het IJ. Iemand wist te vertellen dat ze binnenkort zouden vertrekken. Dat duurde nog een paar dagen, maar eindelijk mochten ze weg. Op eigen kracht, maar met begeleiding van sleepboten voer de Filoktitis langzaam richting de Noordzee. Een groot deel van het eiland was uitgelopen om het vertrek mee te maken. Op de Sumatrakade stonden tientallen mensen die “ons”schip uitzwaaide. En dit keer hadden ze ons zeker gezien, ze zwaaide terug en lieten merken dat de scheepshoorn het nog steeds deed.

Het was daarna even wennen aan de lege plek die de Filoktitis achterliet.

Een lege plek na het vertrek

Een lege plek na het vertrek

De Filoktitis was niet het enige zeeschip wat een tijd lang voor mijn deur heeft gelegen. Maar eenafscheid met het halve eiland dat uitliep heeft indruk op mij gemaakt.

Een ander zeeschip tijdelijk voor de deur, hier weet ik de naam niet meer van

Een ander zeeschip tijdelijk voor de deur, hier weet ik de naam niet meer van

En wat betreft de roest? Achteraf viel dat reuze mee, ik heb ik al die jaren dat ik hier woon veel erger gezien.

Alle rechten voorbehouden

54 keer bekeken

Geen reacties

Voeg je reactie toe