Mevrouw Hogeboom

Dit verhaal is onderdeel van een serie: verhalen uit de Zacharias Janssestraat. Ze beschrijven een gezin in de jaren zestig dat in een gesplitst bovenhuis woont. De verhalen zijn min of meer autobiografisch: ik ben opgegroeid in de Zacharias Janssestraat.

Bols

Bols

Copyrights: Alle rechten voorbehouden

Sinds de zomervakantie gaat Majka naar de grote school. Ze kan al een klein beetje lezen. Dan gaat het opeens heel snel. Ze loopt met mamma over de stoep langs de Middenweg en ziet een bord met een plaatje van een witte vlek. 'Pas op! Reigers' leest ze. Duidelijk: je kunt daar beter niet gaan lopen, want dan krijg je reigerpoep op je hoofd.

Andere borden zijn lastiger. Achter op de fiets bij pappa leest ze een tekst boven een cafรฉ: Bols. Elke dag een glaasje. 'Pappa, wat betekent dat?' 'Bols, dat is jenever,' zegt pappa, 'een drankje met alcohol erin. Dat is helemaal niet goed voor je. De jeneverfabriek wil graag veel verkopen en zegt dat je er elke dag een glaasje van moet drinken. Maar je kunt het beter niet doen.'

ย 

Op woensdag moet mamma altijd werken. Pappa is dan vrij. Vaak gaat hij op woensdagmiddag met Majka en Rita wandelen of naar Artis. Maar vandaag zijn pappa en mamma allebei thuis. 'Eet snel je boterham op,' zegt mamma, 'wij gaan met Rita naar het ziekenhuis. Ze wordt geopereerd aan haar keel.' Geopereerd...daar heeft Majka wel eens van gehoord. 'Moet Rita daar dan blijven?' 'Nee, als het klaar is, mag ze weer met ons mee naar huis. En jij mag vanmiddag boven bij mevrouw Hogeboom spelen. Zij zal op je passen. Je moet wel lief zijn, hoor.'

Leuk, bij de bovenbuurvrouw spelen! Majka neemt haar pop mee en een boekje met verhaaltjes. Ze klimt de trap op en klopt aan de deur. 'Kijk aan,' zegt mevrouw Hogeboom. Jij komt een middagje hier. Wil je een glaasje limonade?' Majka kijkt rond. Bij mevrouw Hogeboom lijkt alles mooier dan beneden. Het begint al met mevrouw Hogeboom zelf: ze heeft lichtblond haar dat als een grote ronde berg op haar hoofd staat en een roze vlinderbril met glittersteentjes. Haar nagels zijn ook mooi roze.

Mevrouw Hogeboom haalt de limonade uit de keuken. Majka gaat voorzichtig zitten op het puntje van de bank, een grote zachte bank met gouden randjes en kwastjes in de hoeken. Ze probeert niet te morsen. Het is hier veel lichter dan beneden. En toch hangen er kanten gordijnen voor de ramen, mooi in een bochtje met een bandje er omheen. Beneden staan vooral boekenkasten. Maar mevrouw Hogeboom heeft een grote kast van glimmend hout, met raampjes in de deuren. Achter de raampjes staan kopjes.

'En wat gaan we doen?' vraagt mevrouw Hogeboom. Majka laat haar boek zien. 'Ik heb een nieuw boek. Wilt u mij helpen met lezen?' Mevrouw Hogeboom kijkt naar het boek en schudt haar hoofd. 'Ik heb een beter idee: ik zal je leren breien. Of heb je al breien geleerd op school?' Nee, breien heeft Majka nog niet geleerd. Zij heeft wel elke week handwerkles. Als de handwerkjuffrouw komt, gaan de jongens het lokaal uit, want alleen de meisjes leren handwerken. Ze kan al een beetje borduren.

Mevrouw Hogeboom loopt naar de slaapkamer en komt terug met twee breipennen en een bol katoen. Razendsnel zet ze de steken op. Majka kijkt vol bewondering toe. Ze heeft het mamma ook wel eens zien doen, maar zo snel... 'Ik zal de eerste twee pennen breien, anders gaat het begin zo lastig voor je.' Ook dat is snel klaar. 'Kijk, let op: doe de pennen aan de achterkant onder je oksels en hou ze aan de voorkant vast. En dan: insteken, omslaan, doorhalen, af laten glijden. Volgende steek. Nou jij.' Majka vindt het best moeilijk. Ze tobt en zwoegt, maar de ene steek wordt veel groter dan de andere, zodat er allemaal rare gaten in het breiwerk komen. Ze laat een steek vallen; mevrouw Hogeboom wipt hem handig weer omhoog. 'Goed oefenen, dan kan je straks een muts breien voor je pop. Hoe heet ze?' 'Marloes,' zegt Majka, 'ik wil wel een jas voor haar breien. Ze heeft nog geen jas.' Mevrouw Hogeboom doet net alsof ze schrikt. 'Geen jas? Maar dan kan ze niet naar buiten! Daar moeten we meteen wat aan doen. Weet je wat, kom maar mee naar de slaapkamer, daar staat de naaimachine.' Ze neemt het breiwerk en de bol katoen van Majka over en samen lopen ze naar de slaapkamer. Ook daar ziet het er heel anders uit dan beneden. Pappa en mamma slapen in onderschuifbedden, waarvan ze overdag een divan maken. Maar in de slaapkamer van mevrouw Hogeboom staat een groot tweepersoonsbed. Door het raam ziet ze een wirwar van schoorstenen en antennes bovenop de huizen aan de andere kant van het blok.
'Als jij nu hier gaat zitten met je breiwerk,โ€™ zegt mevrouw Hogeboom. 'dan zal ik eens kijken of ik nog een stukje stof heb voor een poppenjas. Weet je wat, we maken er een cape van.' Ze gaat achter de naaimachine zitten. Het is een hele grote naaimachine op hoge poten. Mevrouw Hogeboom laat de naald heen en weer gaan met voetpedalen onder de tafel. Majka heeft nog nooit zoiets gezien. Bijna vergeet ze te breien, maar mevrouw Hogeboom herinnert haar eraan: 'Vooruit, volgende pen. Ik ben aan het werk, jij moet ook wat doen.'

Aan het eind van de middag heeft Majka een klein rommelig stukje breiwerk geproduceerd. Maar de cape is prachtig geworden: rood, met een grote capuchon. Rondom zit een gele rand. Je sluit hem aan de bovenkant met een knoop en een gehaakt lusje. Als mamma aan de deur klopt, holt Majka met haar pop naar haar toe. Mamma legt een vinger tegen haar mond. 'Zachtjes, Rita heeft nog erg veel pijn; gelukkig slaapt ze nu even.'

Ze nodigt mevrouw Hogeboom uit voor de thee. Majka laat de cape zien en het breiwerk. Ze probeert nog een stukje te breien, terwijl de grote mensen met elkaar praten. Haar boek is ze helemaal vergeten. Vlak voor het avondeten brengt mevrouw Hogeboom het terug.

โ€˜Mevrouw Hogeboom had geen zin in lezen,โ€™ zegt Majka tegen mamma. Ze strijkt met haar vingers langs de cape. โ€˜Maar ze is wel knap, hรจ!' 'Ja, ze kan mooi handwerken,' zegt mamma. Ze kijkt naar pappa: โ€˜Ik denk dat ze beter kan handwerken dan lezen.โ€™

21 keer bekeken

Bekijk meer afbeeldingen

.<br />Foto: Gerard Balke
.
Foto: Gerard Balke