Sinds de zomervakantie voorbij is, gaat Majka naar de grote school, de Koningin Wilhelminaschool. Ze mag zelf naar school lopen. โKijk goed uit met oversteken!โ roept pappa vรณรณr ze de trap afgaat. โEerst naar links en dan naar rechts. En denk erom: niet op de Ringdijk komen; het water van de Ringvaart is gevaarlijk.โ Pappa zegt zulke dingen altijd, mamma nooit. Majka luistert nauwelijks. Ze loopt door de Cornelis Drebbelstraat, langs de kruidenierswinkel van meneer Nijhof. Hij draagt een stofjas en er steekt een potlood achter zijn oor. Dan komt ze bij de tassenwinkel op de hoek van de Wakkerstraat. Daar ziet ze bijna nooit iemand binnen. Nu voorzichtig de Wakkerstraat oversteken. De winkel aan de overkant verkoopt steenkool en petroleum. Het is een saaie winkel, zonder echte etalage. Binnen liggen grote stapels kolen in papieren zakken. Iets verderop is een piepklein dierenwinkeltje. In de etalage ziet ze een aquarium en een kooi met witte muizen. Majka blijft even staan. Zou het leuk zijn, zoโn witte muis? Ze wil liever een poes of een hondje. Maar haar ouders vinden dat niet goed. โOp een bovenhuis kun je geen huisdieren houden.โ Nu nog de Simon Stevinstraat oversteken en dan is ze bijna bij de school, aan de overkant van de Cornelis Drebbelstraat. Naast de school loopt een stenen trap naar boven: de Ringdijk. Majka ziet haar vriendin Cynthia de trap afkomen. Ze woont aan de overkant, in de Transvaalbuurt en moet elke dag de ringvaart oversteken. โBen je niet bang voor het water?โ vraagt Majka. โWelnee,โ zegt Cynthia, โik loop gewoon over het pad en kom niet bij de waterkant.โ Dan klinkt het fluitje van de bovenmeester. Samen gaan ze naar binnen door de grote houten schooldeur.
Majka moet erg wennen aan de juffrouw van de eerste klas. Ze kijkt zo streng door haar blauwe vlinderbril. Alles is hier groter en hoger dan op de kleuterschool, maar toch lijkt het minder licht. De lokalen zijn geverfd in saaie kleuren, grijs en lichtgroen. De vloer bestaat uit planken, die kraken onder je voeten. Op de kleuterschool zaten de kinderen in groepjes. Hier zitten ze aan tweepersoons tafeltjes achter elkaar. Elk tafeltje heeft een inktpotje met een rood schuifdekseltje - leeg.
De juffrouw helpt Majka met letters schrijven. 'Je moet je potlood anders vasthouden, kijk zo, dan kun je sturen met je vingers.' Haar stem klinkt toch wel lief. Majka kijkt omhoog naar de ramen en ziet bruine herfstbladeren langsvliegen. Zat ze nog maar op de kleuterschool. Dan kon ze tekenen en kleuren. Misschien speelt haar oude klas nu wel buiten, op het schoolplein met de zandbakken. De nieuwe school heeft geen schoolplein. In het speelkwartier spelen de kinderen op de brede stoep van de Simon Stevinstraat.
ย
Langzaam loopt Majka naar huis. Ze speurt zorgvuldig en een beetje angstig tussen de geparkeerde autoโs. Staat hij daar op haar te loeren, Koos? Koos zit ook in de eerste klas. Hij is klein, heeft slordig haar en vlekken op zijn bloes. Vaak, wanneer de school uitgaat, verstopt hij zich ergens tussen de autoโs. Plotseling springt hij de stoep op en begint haar te slaan en te schoppen. โWaarom doet hij dat?โ vraagt mamma, die de blauwe plekken op haar benen ziet als zij โs avonds haar pyjama aantrekt. Majka haalt haar schouders op. Ze weet het echt niet.
Vandaag lijkt het goed te gaan. Ze is al bijna bij de Zacharias Janssestraat. Dan schiet Koos toch nog tevoorschijn vanachter een elektriciteitskast. Majka gilt: โBlijf van me af!โ Ze probeert haar buik te beschermen met haar armen, maar dan staat mamma opeens achter Koos. Ze grijpt Koos bij zijn kraag en trekt hem van Majka af. โWat gebeurt hier? Waarom doe jij dit?โ vraagt ze streng. Koos geeft geen antwoord. Hij lijkt opeens nog veel kleiner en staat er een beetje zielig bij. โWaar woon je?โ vraagt mamma. Hij wijst met zijn vinger: โDaar, in de Willem Beukelsstraat.โ โDan loop ik even met je mee. Ik wil je moeder graag spreken.โ โDie is niet thuis. Alleen mijn grote zus is er.โ โIk loop toch met je mee,โ zegt mamma.
De grote zus doet open. Ook zij heeft slordig haar en ze draagt een groot groezelig vest. Terwijl mamma met de zus staat te praten glipt Koos snel de gang in. Hij wenkt Majka: โWil je mijn schildpad zien?โ Majka is verbaasd, maar stapt toch achter hem aan de woonkamer binnen. Daar ziet ze de schildpad, in een grote glazen bak met zand en planten. โMag ik hem aaien?โ vraagt Majka. Ze steekt haar hand uit. De schildpad trekt onmiddellijk zijn kop naar binnen. โWacht, ik zal een blaadje sla halen uit de keuken,โ zegt Koos, โdan komt hij wel weer tevoorschijn.โ En inderdaad: de schildpad eet het slablaadje dat Koos hem voorhoudt zo uit zijn hand. โSchildpadden kun je niet aaien,โ legt Koos uit. โAan hun schild voelen ze niets en als je hun kop aanraakt, worden ze bang.โ
Majka hoort mamma roepen en rent naar de voordeur. Samen lopen ze naar huis. โZo raar,โ vertelt Majka, โtoen ik met Koos bij zijn schildpad stond was hij gewoon aardig.โ โHij zal je waarschijnlijk niet meer lastigvallen,โ zegt mamma. Ze zwijgt even. โHij heeft geen gemakkelijk leven. Zijn vader is er niet meer en zijn moeder moet werken. Hij is vaak alleen met zijn zus.โ Dat lijkt Majka niet zo erg. Als je alleen thuis bent, kun je doen wat je wilt. En hij heeft een schildpad. โMag ik ook een schildpad?โ vraagt ze. Ze weet het antwoord al. โNee, geen huisdieren op een bovenhuis.โ