De grote verdwijntruc van het Geweten

Van kolengruis naar havermelk

[Bron: Wikipedia]

[Bron: Wikipedia]

Ik stond vanochtend in het Rietlandpark te kijken naar een modern architectonisch hoogstandje dat luistert naar de pretentieuze naam 'Hoop, Liefde en Fortuin'. Drie deugden waar de gemiddelde Amsterdamse huizenzoeker tegenwoordig een hypotheek van negen ton voor moet afsluiten om vijftig vierkante meter beton met uitzicht op een trambak te mogen bezitten.

Terwijl ik probeerde te begrijpen waarom een architect besluit dat een gebouw moet 'golven' langs een tunnelmond, werd ik bijna van mijn sokken gereden door een bakfiets. De bestuurster โ€“ een dertiger met een havermelk-latte in de bekerhouder en een blik die zei dat de wereld exclusief van haar was โ€“ sneerde iets over 'opletten'. Haar twee kinderen, genaamd Splinter en Sterre, hingen als lethargische zoutzakken in de bak.

Welkom in het nieuwe Oostelijk Havengebied.

Vroeger was dit de plek waar rauwe spoormannen in tochtige houten keten woonden; hun longen vullend met de eerlijke, kankerverwekkende damp van steenkool. Mannen die nog wisten wat werken was. Vandaag de dag is De Rietlanden het reservaat van de creatieve industrie. De enige rook die hier nog hangt, komt uit een e-sigaret met de smaak van biologische bosbessen.

Maar het kan cynischer. De geschiedenis van deze grond kent namelijk een gitzwarte bladzijde waar de gemiddelde bakfietsmoeder liever niet aan denkt tijdens haar wekelijkse hardloopronde. Tijdens de bezetting dachten de nazi's: "Goh, dat rangeerterrein ligt lekker uit het zicht, laten we daar eens tienduizenden Joodse Amsterdammers in goederenwagons proppen." Volledig afgesloten van de rest van de stad, alsof het een logistiek foutje betrof dat stilletjes moest worden weggewerkt.

Ik liep door naar het Keesje Brijdeplantsoen. Een herdenkingsplek voor dat dertienjarige jochie dat in de hongerwinter van '44-'45 door een Duitse wachter werd doodgeschoten omdat hij een paar klonten kolen zocht om niet te bevriezen. Een diep tragisch stuk geschiedenis.

Pal naast de gedenkplaat stond een man in een neonkleurige hardloopoutfit zijn hamstrings te stretchen tegen een lantaarnpaal. Hij bekeek zijn sporthorloge met een blik alsof de Derde Wereldoorlog was uitgebroken. Zijn 'activity tracker' gaf blijkbaar aan dat zijn hartslag niet optimaal synchroon liep met zijn vetverbranding.

Ik keek naar de hardloper. Ik keek naar het monument voor Keesje.

Tachtig jaar geleden riskeerde je hier je leven voor een restje brandstof om de nacht te overleven. Vandaag riskeren we een acute burn-out als de wifi in het Rietlandpark niet snel genoeg de nieuwste aflevering van een zelfhulp-podcast streamt.

De geschiedenis is een fantastische regisseur, maar haar gevoel voor ironie is soms stuitend.


46 keer bekeken