Mijn opa, Willem Penseel, werd in 1890 geboren in Leiden, waar de stamboom van de Penseelfamilie vandaan komt. Hij trouwde met Helena de Haas met wie hij vier kinderen kreeg, van wie er twee jong stierven, een meisje aan buikvliesontsteking en een jongen aan bloedvergiftiging. Door de grote spoorwegstakingen in het begin van de vorige eeuw werd mijn opa werkeloos en verhuisde het jonge gezin naar Wittenburg op de oostelijke eilanden, waar mijn vader Daan en zijn jongere broer Henk opgroeiden. Mijn opa kwam in dienst bij de gemeente, waar hij โs winters sneeuw moest ruimen en โs zomers badmeester was, onder andere in het 5-centenbad. Later werd hij gasfitter.
Mijn opa was een van de oprichters van speeltuinvereniging Wittenburg, waar eerst korfbalclub TDW (Trainen Doet Winnen) begon. De wedstrijden werden gespeeld op het grintveld van de speeltuinvereniging. De korfbalbond wilde geen verenigingen meer met afkortingen in de naam. Het werd Volharding. De club groeide en had al senioren en aspirantenteams. Men verhuisde naar het Parkschouwburgterrein en het eerste team ging meedoen in de landelijke competitie.
Veel families die eerst op Wittenburg woonden verhuisden in de jaren dertig en veertig naar de Indische buurt. Ook mijn opa en oma, eerst naar de Minahassastraat en daarna naar de Sumatratraat 77 huis. Vanaf die tijd noemden wij hen oma en opa Huisie.
De korfbalvereniging verhuisde mee naar de Makassarstraat. Een voorwaarde van het Amsterdamse Speeltuinverbond was dat de korfbalclub een onderafdeling van de speeltuinverenging moest zijn. Mijn opa richtte daarom weer een speeltuinvereniging op en gaf die de naam Archipel (eilandengroep, zeer toepasselijk voor de Indische buurt).
Mijn opa die jarenlang voorzitter en later erevoorzitter van Archipel werd, bleef tot zijn dood in 1970 in de Sumatrastraat wonen. De plaquette die in de hal van de grote kantine in de Makassarstraat was gemetseld, waarop stond dat Willem Penseel de oprichter van Archipel was, is bij de afbraak van het gebouwtje verloren gegaan.
Nog even terug naar mijn opa als badmeester. Toen ik mijn eerste lessen in het 5-centenbad kreeg en zeurde dat ik het veel te koud vond, werkte hij daar al lang niet meer. Ik haalde mijn A- en B-diploma in het Sportfondsenbad-oost. Daar ben ik een keer samen met hem gaan zwemmen. Hij wilde voor mij vanaf de rand vanย het zwembad een zogenoemde โsnoekduikโ voordoen, waardoor hij acuut spit kreeg en zich nauwelijks kon aankleden. Het was geloof ik een van de laatste keren dat hij zich in een zwembroek waagde.