Monique Hageman – het 7e kind- vertelt dat zij en haar familie na het overlijden van beide ouders ordners vol bonnetjes, betalingsbewijzen enzovoort hebben teruggevonden. In de tijd dat haar ouders aan de Nobelweg woonden waren dit voornamelijk bonnetjes van de middenstand in Oost, maar ook van huisarts en ziekenhuis b.v. De bonnetjes illustreren als het ware hoe het gezin zich ontwikkelde. Zo zijn er nota’s van de huisarts en de kraamhulp na iedere geboorte en worden er babykleertjes en luiers gekocht.
geboortes
schoenen kleren
Maar daarnaast zijn er natuurlijk ook herinneringen aan die periode. Hoewel Monique zelf pas na de periode in Oost is geboren, weet ze zich nog verhalen van haar moeder te herinneren over de vriendschap die ontstond met het echtpaar Wielinga uit Friesland, ja inderdaad familie van de kwekerij eigenaar, die een oom was.De familie Wielinga woonden op de eerste etage op Nobelweg 1. Zij hadden veel contact met elkaar door de week en op zaterdagavond waren ze samen en vermaakten zich met o.a. sjoelen en mens-erger-je-niet. Ook de firma Deudekom werd geregeld genoemd en Falco’s fotozaak van de Transvaalkade waar de kinderen werden gefotografeerd.
Moeder vertelde dat de omgeving nog heel landelijk was, als ze naar buiten keek kon ze het Amstelstation in de verte zien liggen met daar tussen nog boerderijen. Haar 2 jarig zoontje liep een keer op eigen houtje naar het Amstelstation. Achteraf zei moeder dat ze heel gelukkige jaren heeft gehad in hun knusse benedenwoning aan de Nobelweg en dat ze heel erg heeft moeten wennen aan haar grote woning in Bakkum.Het huis aan de Nobelweg was klein voor 4 kinderen en omdat het gezin toch liever buiten de stad wilde wonen werd er in 1954 een stuk grond in Bakkum gevonden door (schoon)vader Tuijnman, daar werd een huis gebouwd (Heereweg 67). Hier werden nog 3 kinderen geboren, waarmee het gezin met 7 kinderen compleet was.
Moeder heeft zelfs wat op papier gezet: “ De Nobelweg was in die tijd een doodlopende straat. Boven- en benedenwoningen zonder voortuin met een breed trottoir. Aan de voorzijde keken we uit op een heel oud boerderijtje, een weiland met paard. Op afstand het Amstelstation. De Nobelweg was een zijstraat van de Ringdijk, met Ringvaart. Via een bruggetje liep je dan de Transvaalbuurt in. Een wijk met woningen van vier hoog. Daar was ook de groentewinkel, melkboer en even verder op het Afrikanerplein de bakker en Volendammer viswinkel. Met lijn 5 ging je van het Centraal Station naar het Rudolf Steinerplantsoen** nog vijf minuten lopen langs de Ringdijk.”
Monique weet dat haar vader bij de start van het huwelijk werkzaam was in een administratieve functie bij de Firma Rhodius, wol handelaar. Omdat hij zaken deed en wol verkocht over de hele wereld moest hij wel alles weten over wol en om expert te worden ging hij 3 maanden intern naar Bremen een cursus volgen. Vader en moeder schreven elkaar iedere dag in die periode. Later heeft vader een eigen bedrijf als administrateur opgezet waar moeder tenslotte ook gewerkt heeft: “Hij was een echte administrateur, hield van overzicht houden en alles zorgvuldig vastleggen. Alles moest zuinig en mijn ouders waren netjes op hun spullen. Mijn ouders waren echt bezig om een groot gezin liefdevol groot te brengen. Alles was erop gericht om de 7 kinderen goed in ’t leven te zetten, ze hebben beiden heel hard gewerkt.”
Ze denkt met liefde terug aan Cock Hageman ( 1925-2022) en Annie Hageman- Tuijnman (1929-2024)
** waarschjijnlijk wordt het President Steinplantsoen bedoeld.