Lang geleden stond er aan de Ringdijk een klein winkeltje dat voor veel buurtbewoners een vaste plek was. Het was geen winkel die opviel door grote ramen of felle verlichting, maar juist door zijn ingetogen charme. Binnen was het wat donker, maar warm en vertrouwd, gevuld met wol, stoffen en alle soorten garen die je maar kon bedenken.
De winkel werd gerund door een heel oude, vriendelijke vrouw, door velen liefkozend tante Jannie genoemd. Sommigen dachten dat zij Kuyl heette, of misschien behoorde ze tot de gezusters Kuylman. Zeker is dat haar naam met zachtheid werd uitgesproken, alsof die onlosmakelijk verbonden was met de rust en vriendelijkheid die zij uitstraalde. Ondanks haar leeftijd klom ze nog zelf op een klein trapje om bovenin de kast iets te pakken, voorzichtig, met oude maar vastberaden benen.
Achter de toonbank stond een grote houten kast vol kleine laatjes. Elk laatje had zijn eigen inhoud: garen, band, knopen of naalden. Vooral de borduurgarens maakten indruk. Ze lagen keurig opgeborgen in doosjes, elk met een eigen nummer en kleur. Wie daar als kind of jongere kwam, keek zijn ogen uit. Het was een winkel waar je niet alleen kwam om iets te kopen, maar ook om te kijken, te wachten en te genieten.
Achter in de winkel bevond zich een kamer met een groot raam. Daar zat vaak haar man, rustig de krant te lezen, zichtbaar voor de klanten. Dat stille beeld gaf de winkel iets huiselijks, bijna schilderachtigs, alsof je even een huiskamer binnenstapte in plaats van een winkel.
Volgens herinneringen lag het winkeltje waarschijnlijk rond nummer 22 aan de Ringdijk. Mensen uit de buurt โ van nummer 15 of bij familie op nummer 20 en 21 โ liepen er regelmatig binnen, vaak met een briefje van hun moeder of oma om โeven garen en bandโ te halen. Sommigen herinneren zich dat het winkeltje werd gerund door twee zussen, de gezusters Kuylman, die samen het hart van de winkel vormden. De zussen konden feilloos nylons (kousen) repareren. Met een heel klein haaknaaldje haalden zij de ladders op. Je zag er niets meer van.
Het was een winkel uit een andere tijd. Een tijd zonder haast, zonder zelfbediening, waarin alles zijn vaste plek had en iedereen elkaar kende. Het winkeltje van tante Jannie โ Kuyl, Kuylman, hoe de naam ook precies luidde โ leeft voort in de herinneringen van wie er ooit binnenstapte. Een klein, maar dierbaar stukje Ringdijk dat nooit helemaal verdwenen is.