ย
"Mevrouw, heeft u een tientje voor de nachtopvang?" Een schone jas, nieuwe gympen, ongeschoren maar niet onverzorgd. โEen tientje?โ vraag ik verbaasd.
De man knikt, laat een QR-code op zijn telefoon zien. โPinnen kan ook.โ
Mijn mond valt open. Ik twijfel. Wat kost de nachtopvang eigenlijk? Zou hij niet beter tien mensen om een euro kunnen vragen? En een tikkie? Hoewel ik dat wel snap. โSorry,โ zeg ik terwijl ik met een schuldgevoel de supermarkt in loop.
โs Avonds tijdens de afwas, vertel ik het verhaal.
โIk verwijs ze altijd naar de opvang tegenover de Oosterbegraafplaats,โ zegt mijn zoon. โDaar kun je zonder geld terecht. Niet het antwoord dat ze willen horen.โ
โBen je niet bang voor een discussie? Omdat je niet wilt helpen?โ
โIk help ze toch? Ik wijs ze de weg. Pinnen doe ik niet, een praatje maken wel.โ
Hij vertelt over een lang gesprek dat hij had met een man die hij midden in de nacht tegenkwam bij het Oosterpark. Vriendelijke vent, open over zijn verleden met drugs.
โHij had plannen, spaarde voor een huis. Ik gaf hem vijftig euro.โ
Mijn mond valt opnieuw open โVijftig? Waarom zoveel?โ
โHij was eerlijk. En ik wilde naar huis.โ
Een half jaar later kwam hij hem opnieuw tegen.
โHij herkende me niet. Vroeg om geld.โ
โEn?โ
โIk vroeg naar zijn huis. Hij liet me fotoโs zien.โ
โHeb je hem iets gegeven?โ
โNee. Ik vond dat ik genoeg had gedaan. Ik was blij voor hem en wenste hem het beste toe."